Algemeen

Column havenmeesteres Corine van de Linde: Blaue Augen

Door: Isa Wessels

“Als havenmeester maak je wat mee, dat weten jullie ondertussen wel denk ik. Ik fiets de L steiger op en zie een Duits schip liggen.

Afbeelding
Foto: Aangeleverd

Het is maandag 4 mei. Ik steek van wal;’Haben Sie schon bezahlt? ‘. ‘Ja, ja, mit dem QR-code’ zegt de man monter. Kijk, daar hebben we weer dat moderne gedoe, vroeger kreeg je gewoon een tientje in de klamme hand gedrukt, nu moet ik meer turen naar schermen dan naar het water, het is wat…

De man vraagt of ik de betaling nog moet controlieren? Hij zwaait met zijn telefoon. Ik wuif het weg. “Nee hoor, ich glaube Sie auf deine blaue Augen’ zeg ik. De man begint te lachen maar de vrouw kijkt mij boos aan. Je kon aan alles zien dat zij het volstrekt onbegrijpelijk vond dat iemand haar echtgenoot op zijn blauwe ogen geloofde. Er volgde een woordenwisseling in rap Duits. Ik spreek de taal niet vloeiend, maar de lichaamstaal van een licht gepikeerde echtgenote is overal hetzelfde. Komt de gedachte aan het Arische ras met blauwe ogen bij haar naar boven? Ik hoop het niet, er vaart nu vast geen Duitser meer rond die de Tweede Wereldoorlog heeft meegemaakt. Maar het is denkbaar dat de uitdrukking- je op je blauwe ogen geloven- in het Duits niet bestaat. De vertaling levert niks op in ieder geval. Hilarisch is het wel, en dat op dodenherdenkingsdag. De man lacht vriendelijk naar me en bij de vrouw kan er ook een glimp van een glimlach af.

Vrijdagmiddag, ik nader de Eewal. Er ligt een stel in een boot, ze hebben met de QR-code betaald, dat heb ik al in het systeem gezien. Ik stop om een praatje te maken. ‘Welkom in Woudsend, kan ik jullie nog ergens mee helpen of hebben jullie vragen?’ De man zegt; ’Nou, nu u hier toch bent, ik moet nodig naar de kapper, is er een kapsalon in Woudsend? Ik antwoord; ’Ja, wel twee. Een in de Midsrjitte en nog een tegenover de Spar’. Dat weet hij, hij zegt;’ De ene is dicht wegens vakantie en de ander heeft geen plek’. ‘Hoe moet dat nou?’ ‘Mijn haar zit nergens naar’. Ik zeg; ‘meneer dat valt reuze mee, als dat nou het enige is waar u zich zorgen om moet maken dan valt het alleszins mee, ik zie overigens niks aan uw haar en met wie heeft u nu te maken op het water?: brugwachters en havenmeesters valt het echt niet op, het bomt ons niks. Aan ijdelheid heb je niks. Zijn vrouw knikt en de man lacht, ook weer opgelost.

Tot over twee weekjes lieve mensen”, - Corine van de Linde