Face to Face met Hassan Kriker: “Ik had het geluk dat ik hier een toekomst op kon bouwen”
SNEEK - Hassan Kriker (29) ontvluchtte dertien jaar geleden zijn vaderland Syrië. Via Libanon en Turkije kwam hij in Nederland terecht. In minder dan tien jaar tijd bouwde hij door hard te werken een nieuwe toekomst op in Fryslân. Met partner Rianne is hij eigenaar van kapsalon Roots in Sneek. Samen hebben ze een zoontje, en ‘nummer twee’ is onderweg.

Hassan groeide met vier zussen en twee broers op in Syrië. Van zijn jeugd herinnert hij zich vooral de lange, heel warme zomers. “In Syrië heb je een echte zomer. Dat is heerlijk, want dan kun je altijd naar buiten. Als kind voetbalde ik veel met vriendjes, en in de zomer gingen we elke dag naar het zwembad.”
Kijken en leren
Hassan vertelt: “Wij woonden in een soort flat. Beneden was de zaak van mijn vader. Hij maakte meubels, deuren, ramen, plafonds; alles op maat. Ik heb het ook geprobeerd, maar ik vond het heel moeilijk, omdat ik het niet leuk vond. Ik wilde als kind al kapper worden. Toen ik heel jong was, heb ik in de zomervakantie een soort stage bij een kapper gelopen. In Syrië heb je geen kappersopleiding, het is meer een cursus. Bij ons ga je niet drie jaar studeren om kapper te worden; je kijkt hoe een kapper het doet en daar leer je van.”
Tegen het regime
In maart 2011 begon de burgeroorlog in Syrië. Opstandelingen wilden een einde maken aan het autoritaire regime van president Assad. “Het was wel bekend dat onze hele familie tegen Assad was”, blikt Hassan terug. “Toen het twee jaar oorlog was, kwamen de mannen van Assad ons huis binnen, en staken onze flat in brand. Alleen omdat wij tegen het regime waren. Mijn vader had nog meer panden en een tijdje daarna hebben ze alles wat op onze naam stond gebombardeerd. Toen hadden we niks meer. Vervolgens hebben we kort ergens anders in Syrië gewoond, maar de situatie werd steeds erger.”
Libanon
In 2013 vluchtte het gezin naar Libanon. Hassan was toen zestien jaar oud. “We konden niks meenemen, want we hadden niks meer. Alles was verbrand. Mijn vader mocht in Libanon geen bedrijf starten, maar hij kon wel meteen in loondienst aan het werk als meubelmaker.
Waar kon ik naartoe? Ik kon niet terug naar Syrië, want daar werd het alleen maar erger en erger
Financieel was het zwaar, want in Libanon verdien je tachtig procent minder dan in Syrië, en we moesten wel huur, eten en drinken betalen. In Syrië hadden we een eigen huis en pandjes die we verhuurden. Dan leef je toch anders.”
Zonder familie
“Toen ik achttien jaar was, moest ik een moeilijke beslissing nemen. Mijn paspoort was niet lang meer geldig en ik moest uit Libanon vertrekken voordat het verlopen was. Ik kon mijn paspoort niet verlengen, want ik had papieren nodig en die waren in Syrië verbrand. Ik wilde ook niet terug naar Syrië, want daar was dienstplicht. Ik ben toen alleen naar Turkije gevlogen. Dat was wel zwaar, want het was de eerste keer dat ik zonder familie was. Ik deelde met vijf, zes mensen een kleine kamer. Je moet werken om te leven, maar daar waren geen regels. Je werkt, maar je hebt geen verzekering. En als je naar het ziekenhuis moet, ga je alles wat je hebt verdiend inleveren.”
De enige kans
In Turkije deed Hassan ook ervaring op bij een kapper. “Het kappersvak vind ik heel leuk; dat is gewoon mijn ding”, zegt hij enthousiast. “Maar toen ik zag dat er in Turkije geen toekomst was, besloot ik te vertrekken. Waar kon ik naartoe? Ik kon niet terug naar Syrië, want daar werd het alleen maar erger en erger. In Libanon was ook geen toekomst. Veel vrienden gingen naar Europa. En ik dacht: ‘Dat moet ik ook proberen. Daar werken en een toekomst opbouwen. Dat is mijn enige en de laatste kans.’”
Opblaasbootje
Met een bootje ging Hassan van Turkije naar Griekenland. “Het was niet eens echt een boot”, gruwelt hij. “Het was een plastic opblaasding. Dat was heel eng. Ons geluk was dat het bootje maar half vol zat. Van Griekenland ging ik lopend en liftend naar Duitsland, en daarna met de trein naar Nederland. Eerst naar het aanmeldcentrum in Ter Apel, en daarna naar het AZC in Gilze en in Musselkanaal-Stadskanaal. In het AZC staat je leven stil. Je bent alleen maar aan het wachten. Acht, negen maanden kon ik niet echt slapen, want ik werkte niet, dus was ik niet moe. Ik was alleen maar wakker.”
Klusjes
“Toen ben ik klusjes in het AZC gaan doen, zoals de tuin onderhouden. Niet voor het geld, maar om wat te doen te hebben. Ik ben ook meteen begonnen met Nederlands leren. Ik dacht: ‘Als ik hier weg ben, als ik een huis krijg, moet ik gelijk werken.’ Dat is niet helemaal gelukt, want om werk te vinden moet je eerst dingen begrijpen en mensen kennen. Hoe moet je werk vinden, als je niemand kent? Er was toen geen personeelstekort. De gemeente Leeuwarden probeerde mij te helpen, maar ook dat lukte niet.”
Horeca
“Van een Irakese vriend hoorde ik dat je in de horeca snel werk kon vinden. ‘Daar hoef je niet per se heel goed Nederlands te kunnen praten’, zei hij. Vervolgens heb ik een paar jaar in de horeca gewerkt, en daar heb ik heel snel Nederlands geleerd. Ook had ik Nederlandse les, en ik had een kapper gevonden waar ik het vak kon leren. Toen ik klaar was met de inburgering ging ik gelijk de kappersopleiding doen. Nu ben ik kapper en barbier. Een barbier kan strakke baarden en fades (een geleidelijke overgang van kort naar langer haar - red.) maken, en met een vlammetje oorharen weghalen en wenkbrauwen epileren met een touwtje.”
Respect
Ruim vijf jaar geleden leerde Hassan haarstylist Rianne kennen. “Onze eerste date was voor ons allebei leuk, en daarna gingen we heel vaak daten”, vertelt hij met een lach. “Belangrijk in een relatie is respect, en dat je elkaar begrijpt. Wij overleggen alles, en praten over alles. Dat is extra belangrijk, als je uit verschillende culturen komt. Voor ons allebei is dat soms moeilijk en dan praten we erover. Toen we gingen samenwonen, was de locatie geen moeilijke keuze. Ik woonde in een heel rottig oud huis in Leeuwarden, en Rianne woonde net in een nieuw huis in Heerenveen. Wij wonen dus in Heerenveen.”
Risico’s zijn er altijd
Hassan en Rianne hadden nog geen jaar een relatie toen ze kapsalon Roots op de Oosterdijk in Sneek openden. Roots verwijst naar het Engelse woord voor ‘wortels’. Rianne met haar Friese wortels (ze werd geboren in Oudehaske), en Hassan met zijn Syrische. En roots betekent ook nog haarwortel.
Ik geloofde niet dat hij weg was. Is dat echt? Is hij in één keer weg? Na bijna veertien jaar oorlog?
Het tweetal opende hun zaak vlak na de eerste lockdown. Was dat geen risico? “Wij wilden allebei een eigen kapsalon, en eerlijk gezegd dachten we dat corona voorbij was. Maar risico’s zijn er altijd. Met alles. Mijn vader was ondernemer, en ik heb gezien dat hij stappen durfde te zetten. Hij zegt altijd: ‘Als je het niet probeert, weet je ook niet wat er gebeurt’. Of je gaat vallen, of je gaat omhoog. Als je niks doet, blijf je waar je bent. Ik durf wel, want wij zijn alles al kwijtgeraakt in Syrië. Meer kan ik niet kwijtraken.”
De leukste ooit
Op 14 augustus 2021 werd zoontje Daniël geboren. Hassan: “Hij is heel druk. Net als ik. Maar hij is de leukste ooit. Rianne is nu weer zwanger; in augustus krijgt Daniël een broertje of een zusje. Superleuk. Ik ben gelovig opgevoed, en dat neem ik mijn hele leven mee. Aan de kinderen zal ik een stukje van mijn cultuur meegeven, zij bepalen later zelf wat zij daarmee willen doen.”
Geluk
Hassan zijn ouders, een zus en twee broers wonen ook in Nederland. Twee zussen wonen in Noorwegen en eentje in Libanon. In december 2024 ontvluchtte de Syrische president Assad zijn land. Hassan zag op social media dat hij vertrokken was. “Ik geloofde niet dat hij weg was. Is dat echt? Is hij in één keer weg? Na bijna veertien jaar oorlog? Als alles stabiel is, wil ik wel een keer naar Syrië gaan en het land aan de kinderen laten zien. Maar ik heb mijn toekomst hier opgebouwd. Ik ging in nog geen tien jaar van minder dan nul naar een vrouw, kinderen, een huis en een eigen zaak. Ik had het geluk dat ik hier een toekomst op kon bouwen.”
Beeld: Laura Keizer
Tekst: Lutske Bonsma
![]()
Hassan Kriker, eigenaar van kapsalon Roots in Sneek - Foto: Laura Keizer












