In bedrijf

“Stikstof blijft in de mest behouden en ook de kwaliteit verbetert”: Rinze Joustra heeft het antwoord op de stikstofproblematiek

Door: Richard de Jonge

PIAAM - Rinze Joustra uit Piaam werd op de landbouwschool uitgelachen toen hij opperde mest gedurende de opslagtijd zo te bewerken dat die beter beschikbaar komt in de groeiperiode. Zijn idee liet hem echter niet los en nu, jaren later, ontwikkelt hij met zijn bedrijf Rinagro Smart Farming internationaal gepatenteerde bacterieculturen die mest en bodem herstellen door natuurlijke processen te activeren. Hierdoor nemen uitstoot van ammoniak en methaan af, blijft stikstof behouden en verbetert de bodemkwaliteit. De oplossingen worden toegepast door boeren in binnen- en buitenland en dragen aantoonbaar bij aan duurzamere landbouw en betere waterkwaliteit.

Rinze Joustra
Rinze Joustra Foto: Richard de Jonge

AgriMestMix is het belangrijkste product van het bedrijf. Het is een speciaal ontwikkeld, natuurlijk mineraalmengsel, dat gericht biochemische processen in de mest activeert. Door de samenstelling bevordert het de groei van nuttige micro-organismen, vooral die de organische stikstof omzetten in voor planten beschikbare ammoniumstikstof. “De stikstof blijft in de mest behouden en gaat niet verloren,” legt Joustra uit, “en daarbij wordt de kwaliteit van de mest duurzaam verbeterd. Verder staat de gebonden ammoniumstikstof de planten sneller en gelijkmatiger ter beschikking; omdat onze bacteriën in symbiose leven met de plantenwortels, wordt de voedingsstofopname door de planten efficiënter, wat zich positief vertaalt in de plantengroei en de opbrengst.”

Uitgelachen

Rinze Joustra: “Op een gegeven moment begonnen ze hier maïs te telen. In het voorjaar werd daar mest op gedumpt. Maar die maïs rijpte niet af. Omdat organisch gebonden stikstof een half jaar nodig heeft om te mineraliseren, komt het pas vrij in het najaar, na de laatste week van augustus. We noemen dat ook wel ‘de tweede meimaand’. En maïs moet eigenlijk in september ook al weer afrijpen. Met de vrijgekomen stikstof gaat het weer groeien. In januari, als de vorst in de grond zat, werd de maïs van het land gehaald. Op school vroeg ik me destijds hardop af waarom we daar in de wintertijd niets aan deden. Dat is ook een half jaar opslag. Toen werd ik uitgelachen. Dat heeft me wel bezighouden. Het start eigenlijk met het ontwikkelen van een middel in de mest. Om gedurende de opslagtijd deze zo te bewerken dat die beter beschikbaar komt in de groeiperiode.”

Rotte appel

Hoe het precies werkt, is lastig uit te leggen. In het kort komt het er op neer dat er bacteriën aan de mest worden toegevoegd. De beste manier is wellicht met een voorbeeld uit de praktijk. Joustra legt uit: “Als je een schaal met appels hebt met daarin één rotte appel en je laat de natuur zijn gang gaan, gaan alle appels rotten. Dit is wat er dus in de natuur gebeurt. De drijfmest is eigenlijk ook een rotte appel die we in de bodem injecteren met datzelfde effect. Met ons product stoppen wij dat proces door ons product aan de drijfmest toe te voegen.”


Druk wordt alleen maar groter

“De problemen worden alleen maar groter, omdat het werkelijke probleem niet opgelost wordt”, volgens Joustra. “Je houdt het verdienmodel in stand en daarmee houd je ook de oplossing buiten de deur. We hebben het over de weidevogels. In Amerika zit de vogelgriep al in de koeien. Ze zijn doodsbang dat dit hier ook gebeurt. Die druk wordt alleen maar groter. En wij kunnen dat switchen. Het is een kwestie van tijd. We zijn nu bezig met het GMP, dat houdt in dat je een gecertificeerd product maakt. (GMP is: Good Manufacturing Practice, een kwaliteitsborgingssysteem dat strenge normen voorschrijft voor productieprocessen, waaronder de voedingsmiddelenindustrie, om te garanderen dat producten veilig, consistent en van hoge kwaliteit zijn - red.). Goed voor voeding, diervoeding. Dan kunnen we ons product ook in het diervoer toepassen. Op die manier kunnen we waarschijnlijk ook vogelgriep uit de vogels krijgen. En we kunnen het ook inzetten in Amerika tegen vogelgriep onder de koeien.”

Ook voor particulieren

De producten van Riangro Smart Farming worden toegepast op veebedrijven, akkerbouw, biologisch landbouw en ook gemeenten maken er gebruik van. Zoals bij bermgras. “Als dit gemaaid is, komt het in een silo, doen we ons product erbij waardoor het verteert zonder het steeds om te moeten keren en kun je het ‘t jaar daarop als mest uitrijden.” Ook zijn er producten voor de particuliere markt: “Slechtere bacteriën zijn overal en veroorzaken tandplak op je tanden. En vanuit die tandplak produceren ze allemaal toxinen. En van die toxinen word je ziek. Niet van de ene op de andere dag, maar door de tijd heen. Mensen met COPD die ons product gebruiken zeggen dat ze veel meer energie hebben.”

Proef met vervuilde grond

De ondernemer uit Piaam staat nadrukkelijk open voor experimenten en praktijkproeven. Zo wordt momenteel verkend of zijn kennis en methodiek ook ingezet kan worden bij een proef in Makkum, waar wordt onderzocht of vervuilde grond opnieuw bruikbaar kan worden gemaakt zonder kostbare sanering. “Door net als bij bermgras ons product toe te voegen, verteren we de bestanddelen weer en neemt de vervuiling af. Het zit nog in het beginstadium. We nemen grondmonsters en gaan daar proeven mee doen, wat de juiste dosering moet zijn.”

Het is een voorbeeld van hoe regionale innovatie kan bijdragen aan mondiale én lokale vraagstukken op het gebied van milieu, circulariteit en toekomstbestendig ondernemen.

Tekst Richard de Jonge
Foto’s Richard de Jonge, aangeleverd

Dit artikel is een bijdrage van Gemeente Súdwest-Fryslân - Ondernemen.