Algemeen

Stockcar-racer Richard Falkena hard op weg naar de wereldtop

Door: Richard de Jonge

“Hier worden wedstrijden gewonnen”, zegt Richard Falkena als hij het verbaasde gezicht ziet van uw verslaggever bij het betreden van de loods in Nijland. “Goed sleutelen is tachtig procent van het succes.” Kasten vol met gereedschap, velgen en banden in overvloed, machines, een brug, de stockcar in felle kleuren uitgedost, je weet niet waar je eerst en laatst moet kijken. Juist omdat het zo belangrijk is, wordt er elke dag gesleuteld, ook op zaterdag als er een keer geen wedstrijden zijn. “We werken allemaal gewoon. We zijn hier elke dag van zeven tot tien uur. En op zaterdag de hele dag.”

Richard Falkena:
Richard Falkena: "Ze zijn soms zo wild dat het wel koeien lijken die in het voorjaar voor het eerst de wei in mogen.” Richard de Jonge

We is hij, zijn vader en de bevriende sleutelaars van wie er ook vaak een aantal meegaat naar wedstrijden? Net als moeder Sandra, trouwens, want zij bestuurt de vrachtwagen die deel uitmaakt van ‘circus’ Falkena. Gekscherend ‘circus’, want vergis je niet: er worden jaarlijks rond de 35 wedstrijden gereden, waarbij elke wedstrijd bestaat uit drie heats en een finale. 

Twee rechterhanden

In het dagelijks leven is Richard Falkena (24) lasser, net als zijn vader. Handig, want er gaat nog wel eens wat kapot. Naast twee rechterhanden heeft hij ook de liefde voor het crossen van zijn vader, die een begenadigd coureur was. “Mijn vader reed F1 en bouwde in 2012 een F2. Deze is wat kleiner en daar ben ik in begonnen.” Dat was op twaalfjarige leeftijd. Na vier jaar maakte hij de overstap naar de senioren. Nog steeds in de F2. Twee jaar later verruilde hij die voor de koningsklasse, de F1. Dat klinkt nogal eenvoudig. Feit is dat vader Falkena stopte met racen en voor zoonlief een auto bouwde.

In de finale moet alles kloppen

Die auto komt niet uit een rek met wat aanpassingen, maar wordt helemaal zelf gebouwd volgens bepaalde specificaties waar elke bouwer/coureur zich aan moet houden. “Het verschil wordt gemaakt in het onderframe, aan de ophangingspunten waar de voor- en achteras aan vast zit, veren, schokbrekers en zo nog meer. Alles wat je doet heeft consequenties voor de wegligging, dat is vooral belangrijk. Elke baan is verschillend. Bij de een heb je veel grip, de ander is heel glad. Dat lees je van tevoren af. In de finale moet alles kloppen.” Het sleutelen bestaat verder uit zaken als banden wisselen, alle bouten nalopen, racekoppeling checken of de speling goed is en niet aanloopt.

Harde klappen

Er wordt gereden op de thuisbaan in Blauwhuis en verder in Sint Maarten, Emmen, Hallum, Lelystad, Venray, op Texel en in Engeland. Jazeker, want daar vindt jaarlijks de wereldfinale plaats. Tijdens acht verschillende wedstrijden het jaar door kun je je hiervoor kwalificeren. Aan een reguliere wedstrijd doen per klasse zomaar honderd auto’s mee. Richard was vorig jaar voor het eerst in Engeland en werd knap elfde van de 36 finalisten.

Even terug naar de serie wedstrijden die in eigen land worden gereden. Lelystad en Venray zijn asfaltbanen; de andere banen waren vroeger boerenweilanden met sloten eromheen, maar zijn tegenwoordig professionele circuits met boarding en tribunes. Twee verschillende ondergronden vergt ook twee verschillende auto’s. Buiten de loods in Nijland staat de asfaltauto van het team waarvoor Falkena rijdt. De auto binnen is van de familie zelf. “Bij een asfaltauto ligt de motor verder naar voren; de gewichtsverdeling is anders”, legt Richard Falkena uit. “De snelheden op asfalt liggen ook hoger. En de klappen zijn harder”, glimlacht hij. “De stuurtechniek is ook anders. Op het land ga je driftend de bocht door. Dat is ook de reden van de haakse positie en de vorm van de enorme spoiler op het dak. Deze zorgt in de bochten voor maximale druk op de achterwielen.”

‘Uit de broek wapperen’

Voor de techneuten: de motor is een 430 Chevrolet Small Block. Een achtcilinder met een inhoud van 6.200 cc en opgekieteld naar 670 (!) pk. Goedemorgen. Het geluid is overweldigend; bij het starten van de motor wapper je zowat uit je broek. Het geluid mag trouwens op veel circuits niet meer dan 98 decibel bedragen. Dit omdat er anders te veel overlast is in het geval een circuit dicht bij een bebouwing ligt. De versnelling is een tweebak. Een eerste versnelling is voor in het rennerskwartier, de tweede is de raceversnelling. De versnellingsbak is een zogenaamde ‘quick-change’. Dit betekent dat tandwielen heel snel gewisseld kunnen worden. “Omdat elke baan weer anders is, heeft de auto bij vrijwel elke baan een andere overbrenging en heb je een andere set tandwielen nodig”, legt Richard uit.

“Hele dikke auto’s”

Naast de enorme spoiler is de verhoging van het chassis rechtsvoor in de vorm van een bumper nogal opvallend. “Als een wagen na een crash rechtop staat, voorkom je hiermee dat een andere auto de cockpit in rijdt. Die is redelijk open, namelijk. Het zijn natuurlijk wel hele dikke auto’s. Bij verkeerd gebruik zijn het moordwapens en we moeten maandag allemaal gewoon weer aan het werk”, zegt de Nijlander nuchter.

Rammen, optaters en een ‘krom staartje’

Met zeven teams waaronder drie kampioenen op één industrieterrein, is Nijland het bolwerk van de racerij. Aardig in dezen is dat zijn directe concurrent en ‘The World of Dirt’ kampioen Mark Veenstra, op het industrieterrein ook zijn buurman is, én zijn beste vriend. “Erna doen we een biertje, maar tijdens de wedstrijd is het gewoon rammen. Laatste bocht is laatste bocht. Dan moet hij er gewoon af.”

Stockcar racen is niet een sport voor bangeriken, dat wordt duidelijk als Richard vertelt over de optaters die hij krijgt. Hij verhaalt over de keer in Blauwhuis dat hij van de baan werd gereden, door de lucht een pirouette maakte en eenmaal geland zijn auto rechtop stond, waarna er nog iemand van achteren op hem in reed. Geen schrammetje. Een andere keer liep het minder goed af. “Ik kreeg een keer zo’n klapper dat ik een ‘krom staartje’ (stuitje - red.) had. Maar na de kraker en twee maanden fysio was er niets meer aan de hand.”

Sponsors

Richard Falkena kan racen doordat ze bijna alles zelf kunnen maken en hij krijgt hulp van landelijke en internationale sponsors die een lieve duit in het zakje doen. Geld, maar ook onderdelen. “De een levert twee banden, de andere een nieuwe motor.” Dat zal al gauw een paar duizend euro zijn, denk je dan als leek. “Voor deze auto dertigduizend euro”, zegt hij zonder met zijn ogen te knipperen. Het is duidelijk dat stockcar racen een duurdere hobby is dan mens-erger-je-nieten om eens een dwarsstraat te noemen. Maar ook zeker spectaculairder… 

Als hem gevraagd wordt wat zijn grote wens is zegt hij: “In Engeland de grote finale winnen. Je doet er alles voor om daar te strijden om de hoogste podiumplek.”

Zilveren spoiler

Elfde op het WK in Engeland vorig jaar was een erg knappe prestatie, maar zijn palmares is langer. Zo was Richard Falkena al eens winnaar van de Kings Battle in Blauwhuis, was hij twee keer baankampioen op Speedway Emmen, won hij het baankampioenschap in Sint Maarten, won hij het Speedweekend Texel, de stockcar bokaal in Hallum en won hij de zogenaamde shoot-out. Richard Falkena is regerend Nederlands kampioen, 

In Hallum wordt eind augustus gestreden om de Stockcar F1 Bokaal. Hier rijden de beste twaalf rijders van het seizoen tegen elkaar. De winnaar mag een jaar rondrijden met een zilveren spoiler. Zo zijn er verschillende kleuren daken waardoor het niveau van de coureur meteen zichtbaar is. Bijzonder is dat de snelsten niet vooraan, maar juist achteraan staan. “Je moet het hele veld door. Daarom mogen we ook rammen. Je moet tikken uitdelen, anders haal je het niet”, zegt Richard Falkena nuchter. “Bij het begin van de bocht deel je vaak een tik uit om iemand in te halen. Bij de middenbocht moet je echt goed opletten, want vaak zijn er zóveel crashes, en dan heb je zomaar schade. Dan kan er zo een wiel afbreken, omdat ze hard bij elkaar inklappen. Ze zijn soms zo wild dat het wel koeien lijken die in het voorjaar voor het eerst de wei in mogen.”

Voor wie een indruk wil krijgen van stockcar racing: kijk eens op YouTube: https://www.youtube.com/@StockcarH141 of op de Facebook https://www.facebook.com/StockcarH141/

Tekst en foto’s Richard de Jonge