Sport

De Union 1 volgschip Sneker Pan

Vijfde generatie “Ik ben geboren op een binnenvaartschip van 200 ton. Mijn familie vaart al generaties lang; ik ben de vijfde generatie. Ik heb nooit iets anders gewild dan varen en heb daar nooit spijt van gehad. Ik zou het zo weer doen. Mijn vrouw en ik hebben zeven kinderen. Al onze jongens varen op zee en onze oudste dochter werkt bij ons op kantoor in Spijk, een dorpje vlakbij de Eemshaven. Dit schip ligt tegen het huis aan. “

Afbeelding
Sneek- Dit jaar is ‘De Union 1’ het volgschip van de Sneker Pan en dus het kloppend hart van de bemanning van het Sneker skûtsje. Het is tijdens het kampioenschap de uitvalbasis voor dit team. Hier wordt o.a. gezamenlijk gegeten en kan Jappie de wedstrijden met zijn bemanning ongestoord voorbereiden en evalueren. Een belangrijk rustpunt waar alles in het teken staat van teambuilding. Ze worden hierbij ondersteund door hun partners en kinderen die elke dag druk in de weer zijn om het voor iedereen tot een succes te maken.
Aan boord treffen we ook eigenaar en reder Jan van Dam en zijn familie. Wie is hij, wat heeft hij met het skûtsjesilen en wat heeft hem doen besluiten om zijn schip beschikbaar te stellen als volgschip van de Sneker Pan?

Van het schip naar de wal “Net als veel skûtsje-schippers heb ik op het schippersinternaat gezeten. Toen ik tien jaar was, is mijn vader overleden en ben ik aan de wal beland. We zijn ons bedrijf in 1991 begonnen met één schip. Daar hebben we acht jaar op gewoond en hebben we mee door heel Noordwest Europa gevaren. Toen onze oudste dochter geboren werd, zijn we aan wal gaan wonen. In 1998 moest ze naar school en hebben we ons huis in Spijk gekocht. “

Kansen pakken “In 1996 kochten we een tweede schip; vervolgens weer eentje in 1998. In 2004 hebben we het eerste nieuwe schip gebouwd en in 2008 nog eens acht nieuwe schepen. Van 1996 tot 2004 was het gemakkelijk. Je hoefde maar een vinger op te steken of je had een schip aan je broek hangen. Met de crisis in 2008 werd dat anders. Maar ik zie nergens tegen op en heb altijd de kansen gepakt. En we zijn er nog steeds! “

Van binnenwateren naar de zee “We hebben alle binnenwateren bevaren; veel via de Rijn naar Basel heen en weer. Pas later zijn we naar zee gegaan. Inmiddels varen we al ruim twintig jaar op de Oostzee. Het is een bepaalde nichemarkt. We vervoeren droge lading, onder andere hout, zout, kunstmest en veevoeder. Het Baltische gebied past goed bij onze relatief kleine schepen. Bovendien zijn de Finse mensen prettig om mee te werken.”

Mooie atmosfeer Veel van de skûtsje schippers kende ik al. Zelf zeil ik graag. Bovendien vind ik de hele atmosfeer van het skûtsjesilen mooi. Hoe zo’n ploeg het met elkaar doet; het is eigenlijk een klein bedrijfje. Op zee heb ik meerdere keren windkracht 10 tot 12 meegemaakt. Daar word ik niet anders van. Net als bij het skûtsjesilen is het een kwestie van goed organiseren: het weerbericht bekijken en je schip daar op voorbereiden.

Passen we bij elkaar? “We volgen het skûtsjesilen al een jaar of drie. We volgden één of twee wedstrijden en voeren dan ergens anders heen. Nu we gevraagd zijn om als volgschip te fungeren, varen we veertien dagen mee. Dit is onze vakantie. We gaan het gewoon een jaar proberen: passen we bij elkaar? Na deze periode gaan we weer samen praten. Ik ga ook met mijn vrouw overleggen: zie jij het zitten? “

Ondertussen heeft Jan naar eigen zeggen al een beetje inzicht in het skûtsjesilen. “Ik luister graag naar oude rotten, zoals Pieter Boelsma. Daar kan je veel van leren. Het leven is één groot leerproces.”

Tekst Riemie van Dijk

Foto’s : Willem Covers

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding