Brede steun voor mooiere Nieuwe Singel, maar grote zorgen over verkeer en besluitvorming
SNEEK-De plannen voor een groenere en aantrekkelijkere Nieuwe Singel kunnen op brede steun rekenen, maar over de gevolgen voor het verkeer, de positie van omwonenden en de gevolgde besluitvorming bestaan nog grote zorgen. Dat bleek dinsdagavond tijdens de vergadering van de commissie Doarp, Stêd en Omkriten van de gemeente Súdwest-Fryslân. Maar liefst dertien insprekers maakten gebruik van hun spreekrecht. De behandeling van het onderwerp nam uiteindelijk bijna drie uur in beslag.

Het definitieve ontwerp heeft betrekking op het gebied van het Hoogend tot en met de Gedempte Pol. Het Hoogend en de Singel worden fietsstraten, terwijl de Gedempte Poortezijlen en de Gedempte Pol grotendeels voetgangersgebied worden. Ook komt er meer groen en wordt de openbare ruimte opnieuw ingericht.
Over die ambitie bestond dinsdagavond weinig verschil van mening. Zowel insprekers als commissieleden zien kansen om de binnenstad aantrekkelijker te maken. De grootste discussie ging over de keerlus op de Singel, het weren van landbouwverkeer, de gevolgen voor omliggende straten en dorpen, het toekomstige ontheffingenbeleid en de stijgende kosten.
‘Ik wil geen keerlus voor mijn woning’
Bewoner Sharon Keet, die aan de Singel woont, zei positief te zijn over de uitstraling van het plan, maar grote bezwaren te hebben tegen de geplande keerlus bij haar woning. De lus is na eerdere bezwaren verplaatst, maar volgens haar nog altijd niet ver genoeg.
“Mijn stoep is mijn enige plek om buiten te zitten”, vertelde zij. Door kerende auto’s en vrachtverkeer vreest ze geluidsoverlast, beweging en koplampen die haar woning binnen schijnen. “Voor u is het een onderdeel van het ontwerp. Voor mij is het mijn huis, mijn stoep en mijn dagelijkse leefomgeving.”
Keet vroeg de gemeente niet om de keerlus opnieuw enkele meters te verschuiven, maar om naar een andere oplossing te zoeken. Wethouder Michel Rietman liet later op de avond weten dat de keerlus al ongeveer tien meter is verplaatst. Verder opschuiven is volgens het college binnen het huidige ontwerp niet mogelijk, omdat dan het risico ontstaat dat verkeer via de Hooiblokstraat alsnog de Singel oprijdt.
Ook Corine Reitsma, eveneens woonachtig aan de Singel, uitte zorgen over de keerlus. Volgens haar blijft de gekozen plek te dicht bij de woningen liggen en leidt de lus mogelijk tot extra verkeersbewegingen. Zij vroeg de commissie om de locatie bij de verdere behandeling opnieuw te bekijken.
Zorgen over omliggende straten
Sjaak Verboom sprak namens meerdere bewoners van de Oude Koemarkt. Zij zijn voorstander van vergroening en een autoluwere binnenstad, maar vrezen dat verkeer zich door de afsluiting naar andere straten verplaatst.
“Nu lijkt het erop dat ons deel van de binnenstad niet meer is dan een oprit, berging of garage die toegang geeft tot een aantrekkelijke huiskamer die verderop wordt gecreëerd”, zei Verboom. Bewoners ervaren volgens hem nu al geluidsoverlast en trillingen door zwaar en snel rijdend verkeer. Zij missen een totaalplan voor de verkeersstromen in de gehele binnenstad.
Landbouwverkeer beheerst discussie
Een groot deel van de insprekers richtte zich op het voornemen om landbouwverkeer niet langer over de Nieuwe Singel te laten rijden. Vertegenwoordigers van LTO Noord en Cumela stelden dat zij eerder intensief bij de plannen waren betrokken, maar pas laat hoorden dat de ontheffing voor landbouwverkeer mogelijk verdwijnt.
Peter Miedema, bestuurslid van LTO Noord, wees erop dat de sector al in 2023 heeft gevraagd om tijdig naar een goede alternatieve route te zoeken. Volgens hem is die route er nog altijd niet. “Houd de Singel open voor het landbouwverkeer tot er een volwaardige alternatieve route beschikbaar is”, luidde zijn oproep.
Ook Simon Broekstra van Cumela Nederland maakte duidelijk dat zijn organisatie de wens voor een aantrekkelijkere en verkeersvriendelijkere binnenstad onderschrijft. “Onze leden rijden ook liever niet met grote landbouwvoertuigen door een historische binnenstad”, zei hij. Volgens Broekstra kan het verkeer echter pas worden geweerd wanneer er een veilige, praktische en volwaardige vervangende route is.
Nijezijl en IJlst vrezen extra verkeer
De mogelijke alternatieve routes zorgen op andere plaatsen voor onrust. Carla Hogeweg sprak namens Dorpsbelang Oosthem-Nijezijl. Zij vertelde hoe zij onlangs op het smalle trottoir van Nijezijl moest uitwijken voor een trekker.
“Nijezijl is simpelweg niet geschikt om nog meer zwaar en breed verkeer te verwerken”, stelde Hogeweg. Zij wees op kapotgereden paaltjes, omvergereden lantaarnpalen, trillingen bij woningen en de veiligheid van fietsende scholieren. Dorpsbelang hoorde volgens haar pas via de krant dat Nijezijl als mogelijke route werd genoemd.
Ook vanuit IJlst werden zorgen geuit. Insprekers vrezen dat landbouwvoertuigen in de praktijk voor de kortste route door het centrum kiezen. Daarmee zou het verkeersprobleem volgens hen niet worden opgelost, maar worden verplaatst.
Ondernemers verdeeld
Binnenstad manager Jan Siep van den Bos benadrukte namens de kerngroep binnenstad dat ondernemers niet allemaal hetzelfde over het plan denken. De grondhouding van de kerngroep is volgens hem positief, omdat investeren in de openbare ruimte noodzakelijk is. Tegelijkertijd zijn er zorgen over de bereikbaarheid, bevoorrading en de economische gevolgen voor ondernemers.
Van den Bos vroeg de gemeente om die gevolgen goed te blijven volgen. Ook vanuit een verkeersschool werd ingesproken. Daar bestaat de vrees dat het verdwijnen van een ontheffing gevolgen heeft voor vrachtwagenlessen en CBR-examens in Sneek.
Commissie wil meer duidelijkheid
Ook binnen de commissie klonk veel kritiek op het proces en de nog openstaande vragen. De VVD stelde dat onvoldoende is onderzocht welke routes voor het landbouwverkeer werkelijk bruikbaar zijn. Commissielid Richard Dijk riep het college op om “opnieuw naar de tekentafel” te gaan, in ieder geval voor de verkeersroutes.
Jelmer de Groot van BBB stelde dat veel insprekers het gevoel hebben dat zij geen andere mogelijkheid meer zagen dan naar het gemeentehuis te komen. Zijn fractie vroeg onder meer om een betere onderbouwing van het weren van landbouwverkeer, duidelijkheid over eerdere afspraken met de sector en onderzoek naar mogelijke alternatieven.
Gemeentebelangen uitte eveneens zorgen over de informatievoorziening. Commissielid Helga Kooijstra wees erop dat haar fractie verschillende antwoorden had gekregen over de vraag of overleg met Rijkswaterstaat had plaatsgevonden. “Betrouwbaarheid begint bij consistente en feitelijke informatie”, stelde zij.
Ook andere fracties spraken over open eindes. De FNP is in beginsel positief over de inrichting, maar plaatste vraagtekens bij de financiële onderbouwing en de verkeersgevolgen. CDA, PRO en D66 vroegen onder meer aandacht voor de kosten, de keerlus, toegankelijkheid, de alternatieve routes en de samenhang met andere delen van de binnenstad.
Krediet stijgt naar ruim 3,1 miljoen euro
Naast het verkeer vormden de kosten een belangrijk discussiepunt. Voor het project is een krediet van 3,132 miljoen euro nodig. Eerder ging de raad uit van een taakstellend bedrag van 1,9 miljoen euro. Volgens wethouder Michel Rietman is die vergelijking niet volledig, omdat het Hoogend destijds nog niet in dat bedrag was opgenomen. Inclusief het Hoogend zou het eerdere kader volgens hem ongeveer 2,3 miljoen euro zijn geweest.
De resterende stijging wordt onder meer veroorzaakt door extra rioleringswerk, klimaatmaatregelen, hogere uitvoeringskosten en een reservering van 100.000 euro voor een mogelijk kunstwerk dat verwijst naar toen het water van de Singer er nog stroomde.
Rietman weersprak dat sprake is van creatief boekhouden doordat de investering over veertig jaar wordt afgeschreven. Volgens hem past die termijn binnen eerder vastgesteld gemeentelijk beleid.
Wethouder: gesprekken volgen na besluit over ontwerp
Volgens Rietman is het belangrijk onderscheid te maken tussen het ontwerp van de openbare ruimte en het toekomstige ontheffingenbeleid. Het college is voornemens in het voetgangersgebied alleen het openbaar vervoer standaard een ontheffing te geven. Over landbouwverkeer, zorgverleners, taxi’s, rijscholen en andere groepen moet later nog afzonderlijk worden gesproken.
“Het is niet wethouder Rietman die besluiten neemt, maar het college. En dat bent u als raad die besluiten neemt”, hield hij de commissie voor. Volgens de wethouder kunnen gerichte gesprekken over alternatieve routes en mogelijk maatwerk plaatsvinden zodra de raad duidelijkheid heeft gegeven over de inrichting.
Die volgorde overtuigde niet alle commissieleden. Zij vrezen dat de raad dan instemt met een ontwerp waarvan belangrijke verkeersgevolgen nog niet voldoende zijn onderzocht.
De commissie heeft de Nieuwe Singel daarom als bespreekstuk doorgestuurd. De gemeenteraad neemt naar verwachting op donderdag 10 september een definitief besluit over het ontwerp en het uitvoeringskrediet. Tot die tijd zullen meerdere fracties zich nog beraden op mogelijke moties of wijzigingen van het voorstel.














