Cultuur en uitgaan

De voetballer Jantje Dommerholt en de zanger Jan Booi vormen een twee-eenheid

Aan de vooravond van Jan Booi zijn eerste CD-presentatie ‘Ze blijft maar draaien’, hebben we een afspraak gemaakt voor een exclusief interview in de rubriek #FacetoFace. Twee dagen later belt Jan op. “Er heeft iemand van het Friesch Dagblad gebeld voor een foto bij een artikel. Mag dat wel? Als jullie het niet willen, dan doen we het niet.” Eerlijk duurt het langst op het Kamp in Sneek. Omdat Jan het zo netjes vraagt, is het voor GrootSneek geen enkel punt.”

Afbeelding
SNEEK - Opa Jan Dommerholt van het woonwagenkamp in Sneek kennen ze allemaal. Kleinzoon Jantje (21) trouwens ook, als voetballer wel te verstaan. Maar wie is Jan Booi? “Dat is de artiestennaam van Jantje Dommerholt, maar dat hoeft allemaal niet in de krant. Oma heeft mij gewoon bij de gemeente aangegeven als Jantje Dommerholt, ik ben de zoon van As Booi en Engel Dommerholt. Klaar!”

Voel jij je ook ‘Kamper’ Jan?

“Nouhhh, ik vind sommige dingen van het ‘kamperleven’ wel interessant. Oud ijzer vind ik ‘wel geinig’. Autohandel spreekt mij aan. De handel, ja de handel vind ik heel interessant. Ik voel mij wel een ‘Kamper’. Het betekent voor mij in één woord ‘Vrijheid!’ Als je een Kamper aan z’n vrijheid komt krijg je meestal een probleem. Hij moet z’n ‘eigen ding’ kunnen doen. Als ze op de Praktijkschool iets aan mij uitlegden, keek ik alleen maar om mij heen. Als de trainer bij voetbal iets uitlegt, precies hetzelfde. Ik vind het gewoon lastig om te luisteren. Ik lijk wel op mijn vader, die doet ook wat hij zelf wil. Daar komt hij het verst mee, mijn vader is mijn voorbeeld. Ik werk bij mijn vader, we verkopen auto occasions in Joure.”

Wil jij later ook op het Kamp wonen?

“Ik woon nu nog bij mijn ouders, maar ik wil later zelf ook op het Kamp wonen. Ik wil hier niet weg, ook niet uit Sneek. De Waterpoort vind ik een mooie plek. Ik ga elk jaar twee weken op vakantie, maar ik kom meestal eerder teug. Ik ken iedereen op het Kamp, ik kan goed met iedereen. Dat is ook weer die vrijheid. Ik kan zo bij de buren naar binnen lopen. Dat doe ik bij de buren op de haven dan niet, al trek ik daar ook mijn schoenen uit als ik naar binnen ga. Dat is dan wel hetzelfde. Weet je wat naast ‘de schoenen uit’ ook typisch Kampers is? Gouden ‘kettings’, gouden sieraden en de handel. En dat ik altijd mijn rotzooi laat slingeren! Daarvoor krijg ik dan wel op mijn kop.”

Worden mensen van het Kamp nog altijd met een scheef oog aangekeken?

“Dat valt in Sneek reuze mee. Soms zie je negatieve dingen over Kampers op het nieuws en daar worden wij ook op aangekeken. Dat is helemaal niet zo. Het zijn vooroordelen, gelukkig niet bij ons in de stad. Kijk eens hoe mooi wij hier wonen, mooi aan het water. Fantastisch gewoon, daarom wil ik hier ook niet vandaan.”

Hebben Kampers een eigen zangcultuur?

“Ja, klopt. Wij houden van ‘met elkaar’ en gezelligheid. Ik was trouwens eerst niet zo van het zingen, hooguit in de badkamer. Maar mijn vader heeft een vriendengroep, waar ze bijna allemaal zingen. Toen ik daar een keer was stelde mijn vader mij voor om ook te gaan zingen. Toen ik dat na enig aandringen deed, zeiden al die zangers dat ik er ‘iets mee moest doen’. Martin de Jager, de beste maat van mijn vader, heeft mij toen goed geholpen en door hem ben ik een beetje in het wereldje gerold. Martin zat mij vanaf begin af aan ‘kort op m’n flikker’.

Leren op school was niet bepaald jouw ding, toch ken je nu veel teksten uit je hoofd…

“Dat was eerst ook best een probleempje. Door mijn vader en Martin word ik achter de broek gezeten om de teksten te leren. Het blijft lastig maar het lukt. Mijn concentratie is altijd een dingetje. Dat heeft wel met de ADHD te maken en dat het mij nu toch lukt heb ik zeker aan mijn vader te danken. Hij legt mij soms tien keer de dingen uit, wat een geduld heeft die man! Dat ik nu hele teksten uit mijn hoofd leer, heeft zeker te maken met al die optredens, die vind ik leuk. En als ik iets leuks vind, ga ik er ook meer mijn best voor doen. Het blijft moeilijk maar het gaat mij gemakkelijker af. Ik ben nu al een jaartje of twee bezig met het zingen.”

Wat doen al die positieve reacties met jou?

“In het begin dacht ik ‘leuk’, maar toen had ik best nog wel plankenkoorts. Een beetje de stoere jongen die gaat zingen, maar met een klein hartje. Ik vond de eerste optredens best wel spannend, vergeet ik de teksten niet, dat soort dingen. Ik heb nu bijna 20 liedjes die ik zing. Nu gaan mensen dansen, een beetje ouwehoeren, vind ik leuk. Die snik in mijn stem, is gewoon zo. Dat doe ik niet expres. Ik krijg nu nog geen zangles, maar het zingen is echt wel serieus. Als ik zangles moet nemen, zal ik dat doen. Martin de Jager is voor mij een voorbeeld. Ik vind Jannes ook top! Hij zingt feestnummers en gevoelige liedjes. Als je uit de grond van je hart zingt is het altijd goed. Ik houd van het levenslied en van smartlappen. Mensen blij maken en een gezellig feestje vieren, dat wil ik met mijn zingen doen. En natuurlijk een beetje geld verdienen. Maar ik blijf wie ik ben!”

‘Ze blijft maar draaien’, vertel daar eens iets meer over

“De producer is Frank Verkooyen, die is best wel bekend in het genre dat ik zing. Ik sta niet bij hem onder contract, maar ik zing het liedje wel bij Frank in en breng het nummer zelf uit. De tekst is van Femke Reuvers, Daniël Metz doet een opvallende accordeonpartij en Marcel Fisser speelt op gitaar. De presentatie van de CD is bij Ken, in het Amicitia Hotel in Sneek (vond op 14 februari jl. plaats, red.). Ik wil zoveel mogelijk ruimte en gezelligheid. Prachtig met al die artiesten: Jan van Est, Romano van der Linde, Roel en Anno Britting, Martin de Jager, Ricky ‘Genot’, Robert Pater en Marco Bakker. Een Nederlandstalig meezing feestje. Als ik een beetje geluk heb, gaat het goed komen met dit nummer.”

Welk plaats neemt het voetballen bij jou in?

“Voetbal is nog altijd nummer 1. Dat doe ik mijn hele leven al. Omdat Jan Vlap nu weer trainer bij O.N.S. Sneek wordt, blijf ik ook bij de club. Mensen die ik waardeer, daar doe ik alles voor. Ik ga het zingen voorlopig buiten het voetbal om plannen. Als ik op een trainingsavond een groot optreden kan krijgen, dan ga ik toch niet. Dan had ik alleen voor zingen moeten kiezen. Ik kies nu voor voetbal en zingen, dus dat optreden gaat dan niet door. Ondanks dat het dit seizoen een beetje slechter met voetballen gaat, stoot ik het nog niet af. Ik ben niet zo van snel opgeven. We zullen voetballen en zingen eerst combineren.”

Tekst: Henk van der Veer Foto: Laura Keizer

Afbeelding