OUDEGA SWF - Het is eind maart. De zomertijd is inmiddels aangebroken en het is ’s avonds alweer langer licht, dus loopt het tafeltennisseizoen bijna ten einde. Ook in Oudega SWF, waar al meer dan vijftig jaar in clubverband getafeltennist wordt. Maar ondanks dat het einde van het seizoen nadert, worden we nog van harte welkom geheten op dinsdagavond in de sportzaal van dorpshuis It Joo, op de vaste trainingsavond van tafeltennisvereniging ‘Ontspanning Door Inspanning’, kortweg ODI. Er wordt overigens niet alleen getraind, het tweede team speelt een inhaalwedstrijd voor de competitie tegen Buitenpost.
Zodra we de zaal binnen komen, komt het kenmerkende ‘pingponggeluid’ ons al tegemoet en neemt clubvoorzitter Anko Baarda ons mee in de wereld van de tafeltennissers van ‘Ontspanning Door Inspanning’, een vereniging die rond de dertig leden telt, waaronder een achttal jeugdleden.
Clubliefde
Anko Baarda is naast voorzitter, ook ervaren tafeltennisser en speelt bij het eerste team. Daarnaast is hij de clubtrainer. “Zo gaat dat bij een kleine vereniging”, lacht hij. Op zijn zesde begon hij met tafeltennissen bij ODI en inmiddels is Anko 53, dus reken maar uit. “Trainingspapieren heb ik niet, maar als je al zolang meedraait, weet je wel ongeveer hoe het spelletje gespeeld moet worden. Ik doe het ook allemaal vrijwillig. De middelen om een gediplomeerde trainer aan te trekken hebben we gewoonweg niet. Het is een stukje clubliefde, maar ik doe het ook heel graag.”
Het is een stukje clubliefde
In 1971 werd ODI opgericht door Oudegaster Auke Stroband, die samen met een paar voetballiefhebbers ook ná het voetballen wat wilde doen. En dus werd er een tafeltennistafel geregeld voor in de kleedkamer. “Zo is ODI eigenlijk ontstaan”, vertelt Anko Baarda. “Ik voetbalde zelf eerst ook, maar als je met tafeltennis competitie wilt spelen, dan moet je een keuze maken. Helaas is de competitie voor de jeugd nog steeds niet erg aantrekkelijk. Zij moeten vaak ver reizen naar clubs in de drie noordelijke provincies en dan kiezen ze logischerwijs eerder voor voetbal. Onlangs organiseerden we met de tafeltennisclubs van Franeker en Ysbrechtum een onderlinge jeugdcompetitie. Mooi dichtbij. Dat motiveert veel meer.”
Noordelijke eerste divisie
Het eerste team van ODI promoveerde afgelopen winter naar de Noordelijke eerste divisie. “Maar daarin komen we net tekort, dus gaan we na de zomer weer in de tweede klasse beginnen”, vertelt Anko Baarda. “Wij hebben momenteel drie teams in competitie en spelen op vrijdagavond. Ieder team bestaat uit drie spelers en op een competitieavond speel je meerdere partijen, waaronder ook een dubbelpartij. Je bent dan al gauw drie uren bezig.”
Nazit hoort erbij
Volgens Anko hoort de nazit er ook bij. Het is binnen het tafeltennis eigenlijk not done om meteen naar huis te gaan, vindt hij. “Dan kan het weleens een latertje worden als je daarna nog een uur moet rijden terug naar huis.”
Toch vindt Anko Baarda de wedstrijden zélf het mooiste. “Tafeltennis is een snel en tactisch spelletje, waarbij je voortdurend bezig bent je tegenstander op het verkeerde been te zetten. Als team coachen we elkaar ook. Soms zit je zo in de wedstrijd, maar krijg je geen grip op je tegenstander. Aanwijzingen van je teamgenoten kunnen je dan net over het kantelpunt heen helpen.” Een goede service kan al cruciaal zijn, vindt hij. “Tijdens de trainingen wijs ik de leden daar op. Daar begint het tafeltennisspelletje tenslotte mee.”
![]()
Niet blessuregevoelig
Groot voordeel vindt Anko dat tafeltennis absoluut niet blessuregevoelig is. Dat betekent dat de sport voor alle leeftijden is. “Soms ‘zeurt’ de schouder een beetje, maar noemenswaardige blessures heb ik nog nooit gehad. Dat maakt tafeltennis tot op hoge leeftijd nog mogelijk. Bovendien wordt er vanuit de Nederlandse Tafeltennis Bond, de NTTB, een ratinglijst bijgehouden op basis van je prestaties. Dat betekent dat je je ook steeds weer individueel kan verbeteren. Dat geeft een stukje meerwaarde aan het spelen in een wedstrijdcompetitie.”
Een sport voor de wintermaanden
Het seizoen sluiten ze bij ODI traditioneel af met de onderlinge clubkampioenschappen. Maar helemaal stilzitten doen de tafeltennissers daarna ook weer niet, want het tafeltennis sluit wat de seizoenen betreft prima aan op het kaatsen. “Dus beoefenen we dat in de zomermaanden.” Volgens Anko hebben tafeltennis en kaatsen wel het een en ander gemeen en dat is het balgevoel dat je opbouwt. Dat geldt ook voor volleybal. Het botst dus niet en in de winterperiode is het fijn om binnen te sporten en ’s zomers lekker buiten. “Ik moet er ook niet aan denken om in juli in de zaal te tafeltennissen”, lacht hij. “Tafeltennis is wat dat betreft echt een sport voor de wintermaanden.”








