De Sneker voetbal eindbalans van 2017-2018
Die balans laat door de bank genomen niet echt een florissant beeld zien. Behoudens LSC 1890 en Sneek Wit Zwart ZM waren de andere clubs tot het eind van het seizoen bezig om zich veilig te spelen en uiteindelijk wisten Sneek Wit Zwart en Waterpoort Boys zoals hiervoor al werd vermeld, de verplichte barrage niet af te wenden. Beide clubs vonden bij het eerste optreden in die barrage meteen hun Waterloo. Zowel de hoofdklasser als de derdeklasser slaagde er niet in om de eerste horde te nemen met degradatie naar resp. de eerste en de vierde klasse tot gevolg. Daarmee onderging het Sneker voetballandschap uiteindelijk een behoorlijke en onaangename verandering.

ONS Boso Sneek ?Derde divisie A - zaterdag Veertiende plaats - 37 punten uit 34 duels
Hoewel het sein ‘veilig’ een kwestie van tijd leek, werd het voor ONS Sneek uiteindelijk een seizoen als alle andere en was het tot zo ongeveer de laatste speelminuut een kwestie van billen knijpen. Dat had te maken met het feit dat de formatie van trainer Chris de Wagt er in de slotfase maar niet in slaagde om het gat met de promotie-/degradatieplekken onoverbrugbaar te maken, waardoor de zijden draad van de concurrentie met de week iets dikker werd. Uiteindelijk werd ONS Sneek gered door de gong met de naam Spijkenisse en bleef de nacompetitie de club bespaard.
De voorbereiding op het seizoen verliep alles behalve soepel. Al voordat er ook maar één bal getrapt was, werd duidelijk dat ONS naar een bijveld moest uitwijken, omdat de toplaag van het hoofdveld vlak voor de aanvang van de competitie niet het vereiste stempel kreeg. Dat alles kwam bovenop de zware blessure die topscorer Yumé Ramos opliep en waarmee de Snekers een behoorlijk deel van hun stootkracht inleverden. Hoewel de hoofdmacht zich via een benauwde zege op DFS Opheusden nog wel voor het hoofdtoernooi van de KNVB-Beker wist te kwalificeren en tegen de latere kampioen Spakenburg een verdienstelijk gelijkspel uit het vuur sleepte, bleek die stootkracht in het begin van de competitie onder de maat en vormde die aanleiding om nog een keer de transfermarkt op te gaan.
De aangetrokken Gendridge Prijor bleek een schot in de roos, want de aanvaller nam uiteindelijk samen met de later veel besproken Curty Gonzales een niet onaanzienlijk deel van de Sneker productie voor zijn rekening. Gonzales zorgde daarbij bovendien voor een aantal juweeltjes zoals in de KNVB-Beker tegen FC Twente. Vlak voor dat duel waarin ONS met opgeheven hoofd werd uitgeschakeld, was het hoofdveld op het ‘South Park’ overigens provisorisch gerepareerd en vlak na die wedstrijd klommen de oranjehemden door twee zeges een beetje bij de wal op. Die klimtocht haperde daarop, al vielen de remises tegen toenmalig koploper Jong Almere City FC en DOVO absoluut in de categorie ‘verdienstelijk’. Die kwalificatie kon ook uit de kast worden gehaald, toen ONS eind november/begin december drie keer op rij won en een behoorlijk sprong op de ranglijst maakte.
Ondanks dat men zich tussentijds met Samir Merraki versterkte, wist men die lijn na de winter niet door te trekken en bleef wisselvalligheid troef. Bovendien kreeg men een aantal keren zoals tegen Quick Boys en Scheveningen, een fikse draai om de oren, maar doordat de concurrenten in die fase ook veel steken liet vallen, groeide de marge ten opzichte van de gevarenzone toch aan tot vijf punten. Met die marge leek rechtstreekse handhaving slechts een kwestie van tijd, maar uiteindelijk duurde het zoals hiervoor al werd vermeld, toch nog tot zo’n beetje de laatste speelminuut van deze competitie.
SWZ Boso Sneek Hoofdklasse - zondag Dertiende plaats - 33 punten uit 30 duels ?Nacompetitie: uitgeschakeld in de tweede ronde tegen Rohda Raalte en gedegradeerd
Na het verlies in de thuiswedstrijd tegen De Bataven verdween het zicht op rechtstreekse eigenlijk achter de horizon om vervolgens voor de laatste speeldag weer net boven de kim te verschijnen, al had Sneek Wit Zwart wel zoiets als een wonder nodig om de dans alsnog te ontspringen. Dat wonder leek zich vervolgens te gaan voltrekken, toen de Snekers tegen het Rotterdamse Leonidas de marge naar twee treffers uitbouwden en de concurrent in Huissen niet verder dan een gelijkspel leek te komen. Door een late treffer op De Blauwe Burcht mislukte de vrijage met rechtstreekse handhaving en liep Sneek Wit Zwart toch nog een blauwtje op.
Het was het einde van de reguliere competitie waarin men vooraf op een plek in de middenmoot mikte. Die doelstelling bleek tot medio oktober niet onrealistisch, want toen behoorde de ploeg van trainer Germ de Jong met negen uit zeven inderdaad tot het brede segment dat men als middenmoot zou kunnen duiden. In de volgende serie van zeven duels kwam het gebrek aan kwaliteit meer en meer aan de oppervlakte en vooral het verlies tegen directe concurrenten als De Bataven en RKHVV deed pijn. In die periode werden maar vier puntjes aan het totaal toegevoegd, terwijl men na winst in de eerste ronde op DIO Oosterwolde in hetzelfde tijdsbestek ook nog eens in de beker door eersteklasser Balk werd uitgeschakeld.
Die oogst van vier punten was dezelfde als in de eerste twee wedstrijden na de winterstop. Vervolgens werd weliswaar thuis ook van Jong Achilles ‘29, MSC, RKHVV en Hollandia gewonnen, maar in die periode ging de wit-zwarte hoofdmacht ook zes keer onderuit. Toen men daarna in de return tegen MSC een 2-0 voorsprong weggaf en een week later ook de cruciale thuiswedstrijd tegen De Bataven verloor, werd rechtstreekse handhaving bijna een mission impossible. In de voorlaatste speelronde kreeg Sneek Wit Zwart echter alsnog een kans, zij het een hele kleine, in de schoot geworpen en die werd zoals hiervoor als is aangegeven, nog bijna in een wonder omgezet.
Dat bleef dus uit, waardoor Sneek Wit Zwart een loodzware route voor de kiezen kreeg om lijfsbehoud te bewerkstelligen. Bij de eerste halte op die route ging het gelijk mis. Rohda Raalte dat de donderdag ervoor tegen NEC Nijmegen nog tot het gaatje moest gaan, bleek met 2-1 te sterk en dat was nog een magere afspiegeling van de werkelijke krachtsverhouding. Daarmee kwam er met de tweede degradatie in drie jaar tijd na een lange reeks van jaren een einde aan het verblijf in de top- c.q. hoofdklasse en vanaf volgend seizoen staat Sneek Wit Zwart als eersteklasser te boek.
LSC 1890 Tweede klasse K - zondag Negende plaats - 35 punten uit 26 duels
LSC 1890 moest na één jaar de eerste klasse al weer vaarwel zeggen en leek aan het begin van dit seizoen op een vrije val af te stevenen. Nadat men in de poulefase van de beker alleen van VVI wist te winnen, gingen de eerste vier competitieduels namelijk verloren. Daarna boekte men weliswaar twee overwinningen, maar in de weken daarop bleven de prestaties zeer wisselvallig. Vlak voor de winterstop werd bij MKV ‘29 gewonnen, waarna ‘the Blues’ een week later met grote cijfers over Oerterp heen denderden en uiteindelijk met een goed gevoel de winterstop ingingen.
Laatstgenoemde overwinningen kwamen overigens met behulp van een aantal oudgedienden i.c. Rutger Kuipers en Erwin Slik tot stand en de inzet van deze pensionado’s was misschien wel tekenend voor de situatie aan de Leeuwarderweg. Daar was men met een smalle selectie niet in staat om blessures e.d. op te vangen, terwijl de inzet van talentvolle A-junioren werd tegengehouden omdat promotie van het vlaggenschip van de jeugdafdeling na twee degradaties op rij prioriteit genoot.
Ook na de winterstop wisselde de samenstelling van de hoofdmacht bijna in elke wedstrijd en speelde men niet één keer twee wedstrijden achter elkaar in dezelfde samenstelling. Dat belette LSC 1890 echter niet om in de periode na de winterstop bij het middelste eskader aan te sluiten en heel even leek een plek in het linkerrijtje zelfs tot de mogelijkheden te behoren. Trainer Eric van der Meulen bombardeerde zijn ploeg in die fase van de competitie zelfs tot ‘best of the rest’, maar kort na die uitlating in de Leeuwarder Courant bleek dat met drie nederlagen op rij toch een beetje te ambitieus.
Omdat de resultaten van de ploegen onderin ook tegenvielen, kwam men ondanks die verliespartijen op het monumentale sportpark niet meer in ademnood. Al ruim voor het einde van de competitie verzekerden de blauwhemden zich dan ook van een langer verblijf in de tweede klasse en al helemaal, toen men in de tweede helft van april met ruime cijfers van de degradatiekandidaten GSAVV Forward en MKV ‘29 won. Vervolgens freewheelde men zorgenvrij en zonder noemenswaardige druk naar het einde en na de eclatante zege in de laatste thuiswedstrijd op Amicitia VMC sloot LSC 1890 het seizoen 2017-2018 uiteindelijk af op een negende plek.
Waterpoort Boys Derde klasse A - zaterdag Dertiende plaats - 26 punten uit 26 duels Nacompetitie: uitgeschakeld door Heeg na strafschoppen en gedegradeerd
Al voor het seizoen werd duidelijk dat Waterpoort Boys waarschijnlijk het hele jaar geen beroep op ‘aankoop’ Andy de Vries zou kunnen doen en in de voorbeschouwing op deze jaargang werd dan ook gemeld, dat het smaldeel waarmee trainer Janco Croes de competitie in moest, wel eens een heel lastig seizoen tegemoet zou kunnen gaan. De eerste resultaten in de beker stemden nog hoopvol, al was de oppositie met tegenstanders als Beetgum en Lions ‘66 met alle respect niet al te uitbundig. Toen die van een zwaarder kaliber werd, liep de Wéé Péé Béé meteen averij op en kwam er een einde aan het bekeravontuur.
Daarbij viel kwam vooral het gebrek aan stootkracht op en dat bleef de hoofdmacht de rest van het seizoen achtervolgen en uiteindelijk kwam men na 26 wedstrijden niet verder dan een gemiddelde van één treffer per wedstrijd. In de eerste acht duels verloor Waterpoort Boys weliswaar maar drie keer, maar met de remises in de overige vijf duels bleef men onderin hangen. Dat zou het hele seizoen zo blijven en dat veranderde ook niet, toen de hoofdmacht eind november tegen De Wâlde voor het eerst het zoet der overwinning proefde.
Na de winter werd met vier nederlagen op rij al snel duidelijk dat rechtstreekse handhaving voor Waterpoort Boys een hele toer zou worden en dat plaatsing voor de nacompetitie waarschijnlijk het maximaal haalbare zou zijn. Dat beeld leek met zeges op QVC, SC Bant en DWP even te veranderen, maar alle rekensommen konden vervolgens bliksemsnel de prullenbak in toen men zich als een ezel niet twee, maar zelfs drie keer aan dezelfde steen stootte. Door die nederlagen deed het degradatiespook zijn intrede op de geel-blauwe kant van het Schuttersveld. Door twee zeges en een gelijkspel in de laatste drie wedstrijden werd die geest echter weer verdreven, maar aan de nacompetitie - en dat was al weken klip en klaar - viel niet meer te ontkomen.
Klip en klaar was ook dat die ontsnapping tot stand kwam tegen ploegen, waarvoor weinig meer op het spel stond en dat die resultaten niet als graadmeter konden dienen. Dat bleek in de nacompetitie, want evenals in eerdere wedstrijden vond Waterpoort Boys ook toen niet de sleutel om het slot (lees: het defensieve blok) te openen. Daardoor bleef de ploeg na negentig minuten en twee keer een kwartier verlenging op 1-1 steken, waarna het gebrek aan stootkracht in de daaropvolgende strafschoppenserie werd bevestigd en de volksclub na 21 seizoenen in afwisselend de tweede en de derde klasse naar de vierde klasse degradeerde.
Black Boys Vierde klasse A - zondag Elfde plaats - 32 punten uit 26 duels
In de poulefase van de districtsbeker noord was de start niet echt overtuigend, al viel de puntendeling tegen derdeklasser SC Bolsward op zich verdienstelijk te noemen. Datzelfde etiket kon ook na de eerste drie speelronden op de prestaties van de Zwartjes geplakt worden en met het bezoek aan het tot dan puntloze Sint Jacob voor de deur had Black Boys zelfs uitzicht op de koppositie.
Boven de boomgrens ging het echter mis en vervolgens verloor men ook de volgende negen duels. Na de nipte nederlaag in en tegen Zwaagwesteinde in februari van dit jaar leek het lidmaatschap van de vierde klasse aan een zijden draadje te hangen en leek degradatie nog slechts een kwestie van tijd. Trainer Ed Laagland had toen evenals Elroy de Meer die in de voorbeschouwing op het seizoen nog over een plek in de top drie sprak, de handdoek al in de ring gegooid, terwijl sterkhouder Nicky de Vries de voetbalkicksen aan de welbekende wilgen had gehangen. Daarvoor keerde een andere sterkhouder i.c. Lars Niemarkt terug, terwijl Black Boys inmiddels Richard Venema als verantwoordelijke technische man naar voren had geschoven.
Met hen en aan de hand van doelman Sander de Vries kwam na de al genoemde nederlaag tegen de ‘Westerein’ de ommekeer en met een gelijkspel en drie zeges keerde Black Boys terug in het rijk der levenden. Bij die terugkeer liep men vervolgens tegen de latere kampioen SV THOR nog wel een behoorlijk tikje op, maar door vier opeenvolgende overwinningen op resp. Dronrijp, Oldeboorn, Nieuweschoot en Blue Boys en geholpen door de matige prestaties van een aantal directe concurrenten, kwam rechtstreekse handhaving op de zwarte zijde van het Schuttersveld meer en meer binnen handbereik. Die kwam vervolgens door twee opeenvolgende nederlagen tegen De Wâlden en Irnsum waarbij Black Boys nota bene een 4-1 voorsprong weggaf, weer vol onder druk te staan, maar na de zege op Nieuweschoot hadden de ‘All Blacks’ in de laatste speelronde tegen het al gedegradeerde Blues Boys nog slechts één punt nodig om het verblijf in de vierde klasse zonder poespas te verlengen.
Het werd een wedstrijd met een scenario dat zoals al bij het verslag werd vermeld, alleen Alfred Hitchcock had kunnen bedenken oftewel een thriller. Een paar minuten voor tijd stond Black Boys namelijk nog met 2-1 achter en met het oog op de andere velden leek men alsnog als herkanser tot de nacompetitie te worden veroordeeld. Dankzij een late treffer van Dennis Niemarkt volgde uiteindelijk vrijspraak en met die vrijspraak op zak staat Black Boys volgend seizoen gewoon weer op de deelnemerslijst van de vierde klasse.
Sneek Wit Zwart ZM Vijfde klasse A - zaterdag ? Kampioen - 60 punten uit 20 duels
Voordat er ook maar één balletje getrapt was, werd Sneek Wit Zwart ZM door de buitenwacht al tot de gedoodverfde kampioen uitgeroepen. Dat had alles te maken met de overtocht van een aantal ervaren spelers van zondag naar zaterdag, waardoor ZET EM een ongekende kwaliteitsimpuls kreeg. Het was even schrikken, toen die impuls zich in de eerste bekerwedstrijd niet uitbetaalde, maar daarna kwamen de troepen van Niels Boot en Fred Lodewijk op stoom en dat bleef zo tot en met de laatste wedstrijd.
?In de overige bekerwedstrijden en in de competitie bleek de ‘mean machine’ namelijk ongenaakbaar en dat leidde uiteindelijk eind april na een 8-1 overwinning bij SC Espel tot de rondrit op de platte kar. Het was één van de vele wedstrijden, waarin de Snekers het gaspedaal vol intrapten en hun surplus aan kwaliteit op niet mis te verstane wijze in de score en soms zelfs met dubbele cijfers tot uitdrukking brachten.
Alleen in de duels met naaste belager MSC stond er enige spanning op en bleef de uitslag met twee keer 3-0 binnen de perken. Maar ook die ploeg slaagde er uiteindelijk niet in om ZET EM punten afhandig te maken. Dat lukte in twintig wedstrijden uiteindelijk niets en niemand en dus sloot de zaterdagtak van de wit-zwarten na twintig duels de competitie af met zeer indrukwekkende cijfers: twintig overwinningen, zestig punten, honderd en veertig voor en dertien tegen.
Bij de totstandkoming van die prachtige cijfers was een niet onbelangrijke rol weggelegd voor het trio Tim Posthuma, Freerk de Jong en Patrick Veenstra oftewel de Péé Jéé Véé-express van ZET EM, die met resp. vijftig, vijf en twintig en drie en twintig treffers het leeuwendeel van de productie voor zijn rekening nam. Hoewel die treffers werden gemaakt in wat velen de kelderklasse plegen te noemen, droegen die bij aan een seizoen dat met recht het etiket ‘cum laude’ verdiende. Een seizoen dat wanneer die titel binnen de grenzen van de Waterpoorstad zou worden vergeven, zonder meer goed zou zijn om als sportploeg van het jaar te worden aangemerkt en ook nog eens goed genoeg om volgend seizoen - en rekening houdende met de inmiddels gepleegde ‘aankopen’ - ook in de vierde klasse als titelkandidaat te worden aangemerkt.
Bron:http://pengel.weebly.com
Foto: Nico Altenburg













