Sport

De Elfstedentocht van 1986: Een emotionele dag voor Rein Jonker en heel Fryslân

Door: Eelke Lok

Het is deze vandaag precies veertig jaar geleden dat de veertiende en op één na laatste Elfstedentocht werd verreden; die van 26 februari 1986. Eelke Lok was erbij als verslaggever voor Omrop Fryslân, en blikt terug op die historische dag. Nu niet als journalist, maar als getuige... 

Toerrijders passeren Woudsend
Toerrijders passeren Woudsend Collectie Fries Scheepvaart Museum CC-BY-SA

Als de redactie van deze krant je vraagt om een ‘eigen’ verhaal te schrijven over de Elfstedentocht van veertig jaar geleden, die van 26 februari 1986, dan wordt het geen journalistiek verhaal. Daarvoor was die dag té emotioneel. Emotioneel voor heel Fryslân, dat die veertiende Elfstedentocht bliksemsnel uit de grond stampte, nadat weerkundigen ineens zagen dat die laatste week van februari 1986 het weer dik winter zou worden. Een jaar eerder was de tocht ook al afgekondigd na een afgelasting.

Rein Jonker

Marathonschaatser Rein Jonker uit Wijtgaard was in 1985 zelfs al naar Polen gereisd voor een 200 kilometer daar. Hij moest ineens haastig terug. Dat jaar reed hij zich in de dertiende tocht natuurlijk helemaal kapot en werd uiteindelijk vijftiende op dik negen minuten van winnaar Evert van Benthem. Rein Jonker huilde toen op de finish. Hij steunde en stokte bij mijn collega Sippy Tigchelaar, minutenlang. Allemaal emotie. Het speciale gevoel wat zoveel Friezen over hún heiligheid hebben: uitrijden en ook nog meedoen om de ereplaatsen. Maar hij huilde ook omdat hij was afgereisd naar Polen en daarmee veel energie had verspeeld. Als..., ach, dat zullen we nooit weten.

Mart Smeets

Televisieverslaggever Mart Smeets heeft in 1986 óók door, dat het Friese gevoel over de Elfstedentocht tóch iets speciaals is. Hij vraagt mij om voor zijn voorbeschouwing de volgens mij eerst aankomende Fries te interviewen. Dan moet die in zijn eigen taal vertellen hoe speciaal dat gevoel is. Ik koos tot zijn verrassing Rein Jonker. Want bij het Fries kampioenschap marathon in Menaldum reed die het hele spul op twee rondjes. En hij wist niet dat Jonker uit Warten kwam; de geboorteplaats van Elfstedenwinnaars Sipke Castelein, Jeen Nauta en Jeen van den Berg. Daar droomt  Rein Jonker over.

Sterke kopgroep

Het is woensdag 26 februari 1986 en alles is heel anders dan een jaar tevoren. Nu is het min twaalf, bitterkoud en winderig; een jaar tevoren dooide het. Toen bleef iedereen tot aan Parrega bij elkaar. Nu spatten er voor Sloten al twee man weg, Arie Kooyman en Frans Kuypers. In Stavoren al bijna achterhaald door vier man. Eén topper en drie subtoppers: Marten Hoekstra, Wout de Vries en Hans Bouma. En dus favoriet Jan Kooiman, de man uit Warns, die een jaar tevoren ook bij de beroemde top vier had gezeten. “Nu zat ik plotseling voorop, ik dacht dan maar doorrijden”, zei hij later. Prima, maar dan win je niet.


Toerrijders door Hindeloopen - Collectie Fries Scheepvaart Museum CC-BY-SA

En hoewel schaatsers in een Elfstedentocht geen idee hebben hoeveel ze voor of achter liggen, maakte de rest van de topschaatsers zich nog niet druk. Straks in het noordoosten, dan komen wij wel, dachten ze. Dat klopte. Voor Franeker hadden de toppers de dik drie minuten al dicht gereden. Er ontstond een sterke kopgroep.

Evert van Benthem

Alleen, ze schaatsten niet allemaal echt door. Dus bij Wier ontsnapt er eentje. De rest kijkt elkaar aan, want dat is de winnaar van vorig jaar, Evert van Benthem. En ze weten allemaal dat die in een glanzende vorm is. Maar in deze toch wel koude en stevige noordoostenwind? Evert, later: “Ach, ze reden niet. Ik dacht, ik schud maar even aan de boom.”

Ik koe net oars, ik moast en soe bybliuwe (…) Foar mysels, mar ek foar Fryslân.

Rein Jonker heeft daarna in de groep veel woorden nodig om de anderen te bewegen de achtervolging in te zetten. Omdat Evert schaatsen in z’n eentje toch ook niet zo leuk vindt, kan de groep terugkomen. Op het moment van aansluiting spurt Rein Jonker weg, terwijl de groep nog aan het bijkomen is van de achtervolging. Hij weet dat hij de anderen moe moet maken. En zowaar, de enige die hem kan volgen is Van Benthem.

En dan ontstaat het idiote beeld van deze tocht. Twee schaatsers op kop, die moeten van elkaar overnemen. Dan ben je om de beurt in de luwte. Evert kan heerlijk schuilen achter de boomlange rug van Jonker. Als die achter Van Benthem schaatst, heeft hij niets aan dat kleine mannetje. Maar Rein Jonker is sterk vandaag. Dit moet zijn dag worden. “Foar mysels, mar ek foar Fryslân.”

Samen op weg naar de finish

Even voor Dokkum valt Jonker evenwel. De NOS-motor met verslaggever Evert ten Napel rijdt half over hem heen. Van Benthem kijkt om, vertraagt wat, want hij hoopt dat Jonker terugkomt. “Ik dacht, het is nog een heel eind alleen.” Dan verbaast Jonker hem en ons allemaal: Evert doet het klúnplak bij de molen in Dokkum in honderd stappen, Rein doet het in 25. Hij stuift Van Benthem daar voorbij en is weer aangesloten.


Toerrijders passeren Woudsend - Collectie Fries Scheepvaart Museum CC-BY-SA

Meermalen gevraagd, ook later toen we daar voor een documentaire samen met Evert ten Napel nog eens evalueerden: “Diest dat net fierstente hurd?” Dan dwaalt Jonker in zijn gedachten terug naar dat moment en zegt hij: ”Ik koe net oars, ik moast en soe bybliuwe”. Gevoel.

Het lukt even. Maar als Van Benthem bij Aldtsjerk even aanzet, moet Jonker passen. Zo komt Van Benthem op de finish aan en ik verlies me voor de radio in superlatieven over de man die twee Elfstedentochten twee jaar achter elkaar won. Een minuutje later komt Rein Jonker op de Bonke. Ziels- en zielsblij dat hij zo’n rol in de Elfstedentocht heeft kunnen hebben en met ere heeft verloren. Boven in de tribune in een hokje zit een verslaggever dan stamelend woorden aan elkaar te rafelen terwijl hij nu huilt van emotie. Zo heeft niemand in Fryslân verdorie verstaan dat hún held van die dag, Rein Jonker, over de finish kwam...

Tekst Eelke Lok
Foto’s: Collectie Fries Scheepvaart Museum