Theaterdirecteur Titia Huisman - “Cultuur hoort bij je opvoeding, bij je leven”

Door: Amanda de Vries di 27 feb, 19:15 Cultuur en uitgaan
Foto: Joan van den Brug
Titia Bruinsma
Titia Bruinsma

SCHARNEGOUTUM - Titia Huisman is directeur van Theater De Koornbeurs in Franeker, daarnaast is zij voorzitter van ‘Iepen DoEk’, Koepelorganisatie Amateurtoneel Fryslân. Al jong ontdekte ze de magie van cultuur, maar sport en de natuur zijn ook heel belangrijk voor haar. Voor GrootSneek interviewden wij Titia op een toepasselijke manier; aan de hand van het lied ‘Zing, vecht, huil…’ van zanger en acteur Ramses Shaffy. En dat leverde een openhartig verhaal op. “Cultuur raakt een snaar in je ziel.” 

Zing
Op mijn achtste maakte ik persoonlijk kennis met cultuur. Ik kom uit een gelovig gezin, mijn vader had een band en ik zong daarin. Ons repertoire bestond onder andere uit gospelliederen, waarmee wij in verschillende kerken optraden. Wat ik toen ontdekte was, het gaat er niet om of ik mooi zing, maar of ik het verhaal kan brengen. Daar ligt de oorsprong van mijn culturele interesse. Ik rekende mijzelf eerst af op: ‘Zing ik de noten wel zuiver?’ Maar ik was een vrij kind en gaandeweg zong ik bezielde liedjes. Liedjes die een verhaal vertellen. Dáár gaat cultuur over.

Vecht 
Vechten, daar ben ik weleens flauw van. Nou ja, het hangt van het soort gevecht af. Je kunt als maker vechten met je tekst of je rol. En voordat je je kunsten in de spotlights zet kun je ook knokken met jezelf. Dat is mooi! Maar het gevecht om iedere keer in de politiek het nut van kunst en cultuur te bewijzen… Ik vind dat elk kind toegang zou moeten hebben tot de natuur, dat het weet waar onze melk vandaan komt of waarom bomen zo belangrijk zijn. Sport is ook heel belangrijk voor kinderen. Wat doet dat met hun lijf? Hoe kunnen ze door middel van sport leren met andere kinderen samen te werken? En als derde: cultuur. Cultuur gaat over vroeger, nu en de toekomst. Hoeveel toegang hebben wij hiertoe? Dat moet iedere keer weer bevochten worden, ja ook hier in Franeker. Van topsporters vinden we het een megaprestatie als ze na lang trainen een gouden medaille winnen, maar bij cultuurmakers is dat minder vanzelfsprekend. Terwijl een artiest er ook hard voor moet werken. Wat je ziet is de prestatie, maar minder het ambacht erachter. Je kunt een schilderij oppervlakkig bekijken en denken ‘mooi’ of ‘ik heb er niks mee’. Maar je kunt ook verder kijken, waarom maakte de schilder dit zo? Wat is het verhaal van dit schilderij? Je moet het wel leren en willen zien.

Huil 
Haha, dat doen we soms als we een voorstelling maken. Je begint ergens en dan komt er een moment dat je gaat kijken met de ogen van een ander. Dan komt dat kritische stemmetje in je hoofd dat zegt: ‘Het wordt nooit wat.’ Daar moet je doorheen. Je moet die confrontatie met jezelf aangaan. Als dát lukt, dan staat jouw creatie in het licht.

Werk
Zoals al eerder gezegd: het is hard werken. En er is ook veel werk aan de winkel. Ik ben blij dat de Raad van Cultuur een advies heeft uitgebracht om in 2029 het systeem van subsidies voor kunst en cultuur te vereenvoudigen, van zes organisaties moet het naar een organisatie gaan. Ook vragen ze om meer aandacht voor cultuur in de regio. Het lastige eraan vind ik dat er wellicht teveel macht bij die ene organisatie komt te liggen. Wel is men van plan om van daaruit met regionale commissies te gaan werken. We moeten voorkomen, dat kunstsubsidies gaan bepalen welke verhalen er wel of niet verteld mogen worden. Ik vind het mooi als kunstenaars, in welke discipline dan ook, ons toegang geven tot hun persoonlijke verhaal. Dat is nou het mooie aan de creatieve sector: als jij het vertaalt naar je eigen discipline, dan gebeurt er iets met míj. Dat vind ik belangrijk. Cultuur beleef je samen met anderen en het voegt iets toe aan je leven.

Bewonder
Ik groeide niet op met idolen die in de Popfoto stonden, maar wel met klassieke muziek en ook dat moet je leren waarderen. Toen ik tien jaar was nam mijn vader me mee naar een operette. Ik vond er geen bal aan, maar weet nog goed dat ik een kijkje achter de schermen mocht nemen. Daar ging de theaterwereld voor mij open. Ik was gefascineerd door de decors, de kleding, door hoe het daar rook. Dat was de achterkant, de maakkant van het theater. En die vond ik misschien wel leuker dan de voorkant. Uiteindelijk ben ik theater gaan maken, gaan spelen en vanuit de beeldende kant gaan kijken. Jong beginnen in deze sector is – net als voor de eerder genoemde topsporters – zo belangrijk. Iedere muzikant is bij de plaatselijke fanfare begonnen, elke danser bij de balletschool in eigen dorp of stad. Hier in De Koornbeurs proberen we zo toegankelijk mogelijk te zijn voor alle leeftijden. We doen daar veel voor. In de toekomst zou ik hier echt op in willen zetten, ik zie nog zoveel kansen! Cultuur is niet elitair, maar zou voor iedereen beschikbaar moeten zijn. Het hoort bij je opvoeding, bij je leven. Ramses Shaffy zingt op het einde van het lied: ‘Niet zonder ons’, daar sluit ik me graag bij aan. Cultuur maken we samen. De makers, het publiek, de politiek. We kunnen allemaal ‘niet zonder ons.’

Foto: Joan van den Brug
Tekst: Amanda de Vries