Verhalenbundel Jacob Stelwagen over WW-II
Sneek - Op veel zolders en in archieven in heel Friesland liggen verhalen over de Tweede Wereldoorlog te verstoffen. Oud-Sneker, presentator bij Omrop Fryslân en schrijver Jacob Stelwagen verzamelde ze in een boek: ‘Ik hoorde het Jodinnetje snikken’ een selectie van meer dan honderd, veelal aandoenlijke verhalen uit Friesland in de oorlogstijd.,,Doe’t myn earste boek ‘Bommen op Saakstra’s brug’ útkaam, kamen der minsken by my mei noch mear ferhalen oer de oarloch. Dy ferhalen haw ik bondele en dy stean no yn myn twadde boek ‘Ik hoorde het Jodinnetje snikken’”, vertelt Jacob Stelwagen. De Bitgumer, presentator bij Omrop Fryslân, is tevreden over het eindresultaat: ,,It is in moaie seleksje wurden fan mear as hûndert ferhalen út Fryslân. Ik kin my yntinke, dat soks ek wer reaksjes opropt. As dat der wer safolle binne, meitsje wy gewoan wer sa’n bondel.” Onderstaand een korte voorpublicatie van ‘Ik hoorde het Jodinnetje snikken’.

Een herenhuis aan het Kleinzand is Sneek is het hoofdkantoor van de plaatselijke ondergrondse. Op de onderste verdieping woont de familie Miedema, op de eerste verdieping wonen de families Lever en Stegenga. In november 1943 doen de Duitsers een inval. Een koerierster vertelt.
Vader Lever is als eerste wakker. Hij springt het bed uit en schreeuwt naar de zolder: “Jongens kom er uit! De Duitsers zijn er!” Jan en Piet schieten overeind. Ze springen uit bed en stormen in pyjama op blote voeten naar beneden. Het pistool hebben ze bij zich. Jan, in paniek, sist Piet toe: “Schiet ze dood!” Piet is rustiger, hij zegt: “Beter niet. Er zijn vrouwen in huis en dan wordt het een bloedbad.”
De Duitsers zijn nog steeds niet binnen. Omdat ze bij de familie Lever geen gehoor krijgen, drukken ze nu op alle bellen. Uiteindelijk opent Miedema de deur. De Duitsers stormen de gang in. Er is verraad in het spel, dat is duidelijk. Ze weten precies waar ze moeten zijn. Ze rennen de gang door en de trap op, regelrecht naar het appartement van de familie Lever.
Als ze boven zijn, beginnen ze te schreeuwen. Vader Lever en Liesje staan te trillen op hun benen. Iedereen moet zijn persoonsbewijs laten zien. Ondertussen kruipen Jan en Piet door het dakraam naar buiten. Kleumend staan ze even later op het dak van het grote herenhuis. Het raam is nog maar net dicht als de Duitsers binnenstormen. Het mag een wonder heten dat ze niets van de vlucht merken.
Daar staan de jongens buiten in hun pyjama. Koud en bang: “We moeten hier vandaan!” Ze willen op het dak van het naastgelegen huis zien te komen. Jan probeert in de dakgoot te gaan staan, maar als hij zijn volle gewicht er op zet, stort hij meters naar beneden: de goot is verrot. Opnieuw een wonder, want hij heeft niets gebroken. Piet laat zich daarna langs de regenpijp naar beneden glijden.
Nu staan ze in de achtertuin. Dat is niet minder gevaarlijk, want op straat wemelt het van de Duitsers. Plotseling zien ze in de hoek van de tuin een man staan wenken: dokter Van der Heuvel. Die heeft een vluchtplan klaar: “Snel door mijn huis naar de achterkant. Niet naar het Kleinzand, maar naar de Bothniakade. Probeer daar te verdwijnen. Loop langs de Koopmansgracht en ga dan over de brug naar het Sperkhem. Alles is beter dan hier blijven.”
Het boek kost €17,50 en is verkrijgbaar in boekwinkel en op internet. Van Bommen op Saakstra’s brug verschijnt deze maand een herdruk. Dit laatste boek is alleen te bestellen via jacob.stelwagen@gmail.com of door een briefje te sturen naar Buorren 26, 9044 MH Bitgum. Dit boek kost €19,95, inclusief verzendkosten.







