Pastoraal medewerker Joke Verboom: “Echte troost verbindt zich met de werkelijkheid”

Door: Amanda de Vries 1 apr 2024, 20:15 Algemeen
Foto: Laura Keizer Fotografie
Joke Verboom
Joke Verboom

SNEEK - In de aanloop naar Goede Vrijdag en Pasen brachten wij een bezoek aan Joke Verboom, sinds 1 maart 2018 verbonden aan de Baptistengemeente Sneek als pastoraal werker voor zieken en ouderen. “Verbinding met de ander met een kleine ‘a’, zoeken én vinden”, dat is wat Joke graag doet, vertelt ze. “En altijd vanuit een positief godsbeeld. Want dat heb ik als kind gelukkig altijd meegekregen. Hij ziet je, Hij is er. Je kan van Hem op aan.”

“Kom maar door de achterdeur”, zegt Joke Verboom als we aankomen bij het kerkgebouw van de Baptistengemeente Sneek. Voordat we beginnen met het interview geeft Joke ons een rondleiding door het pand aan de Selfhelpweg. Naast een royale zaal waar de kerkdiensten worden gehouden is er onder andere een bibliotheek, een kinderopvang en een gezellige ruimte waar de jeugd kan samenkomen. “Deze ruimte gebruik ik ook voor de rouwgroepen die ik begeleid”, legt ze uit. Joke gaat ons voor naar haar kantoor, waar een prikbord met diverse spreuken onze aandacht trekt. “Soms hangt er een tekst waarvan gemeenteleden zeggen: ‘Nou, ik weet niet of ik het daar mee eens ben, hoor’.” Ze lacht. “Dat is dus een mooi moment om het erover te hebben met elkaar en de dialoog aan te gaan.”

Weefsel van de samenleving
Joke werd geboren in Ens - “Ik ben een echt Polderkind” - en groeide op in een hecht gezin. “Mijn vader was bouwkundige bij de Rijksdienst voor IJsselmeerpolders; mijn moeder was onderwijzeres. Ze was veel thuis, maar deed daarnaast invalwerk voor de creatieve vakken op scholen. Mijn ouders waren lid van de PKN, mijn vader was ouderling en mijn moeder deed veel bezoeken in de gemeente. Ze was ook betrokken bij de vakantiebijbelweken, waar ze haar creativiteit goed kwijt kon in de grote vertelplaten die de kinderen maakten. Wij als kinderen bezochten jongerenverenigingen van de kerk en de zondagsschool. Op mijn veertiende draaide ik zelf al een eigen groep. Dus je kunt wel zeggen dat het vrijwilligerswerk er bij mij met de paplepel is ingegoten. En dat is mooi, want vrijwilligers zijn het weefsel van de samenleving.”

Dodelijk ongeluk
Door het werk van Joke haar vader verhuisde het gezin regelmatig. Van de Noordoostpolder gingen ze naar een dorp achter Zwolle, daarna naar Lelystad, om vervolgens in Harderwijk uit te komen. Joke: “Ik leerde hierdoor dat ik altijd wel weer ergens wortel. Het komt wel weer goed met mij. Wel heb ik door de vele verhuizingen op drie basis- en drie middelbare scholen gezeten. En dat was pittig.”

Op haar achttiende zorgde een dodelijk ongeluk van een van haar broers voor veel verdriet in het gezin. “Wij zijn elkaar daardoor een tijd kwijtgeraakt”, vertelt Joke bewogen. “Met mijn jongere broer kon ik er wel goed over praten, al zat hij in een heel andere levensfase dan ik, hij was elf toen het gebeurde. Met mijn vader kon ik er pas in zijn laatste levensfase over praten, hij overleed in 2009 op 81-jarige leeftijd. Mijn moeder – ze is inmiddels 96 jaar – heeft er nooit over gesproken. Mijn ouders hebben wel veel steun aan het geloof gehad bij het verlies van mijn broer. Maar je krijgt levenslang door zo’n verdrietige gebeurtenis.”

Pleegouders
In Harderwijk leidde het lid zijn van een orthodoxe geloofsgemeenschap ertoe, dat Joke wel dominee wilde worden. Ze volgde de havo en deed drie jaar Bijbelschool, waardoor ze kerkelijk werker kon worden en voor de klas kon staan. “Maar godsdienstles geven aan middelbare scholieren was niet echt mijn ding”, bekent ze. “Bovendien had ik inmiddels Sjaak Verboom ontmoet.” Joke en Sjaak trouwden en algauw waren er twee kinderen, “Ik wilde ze zelf graag opvoeden en deed dat veel alleen, want Sjaak reisde als fotojournalist de wereld rond. Maar ik vond het heerlijk om moeder en huisvrouw te zijn. Sjaak en ik kregen uiteindelijk vijf kinderen: twee dochters en drie zonen.

Daarnaast waren we ook pleegouders voor kinderen in crisissituaties. Dat was heel mooi om te doen! Toen onze jongste drie jaar was ben ik terug naar de schoolbanken gegaan. Ik ging sociaal pedagogisch werk studeren. We woonden inmiddels met ons gezin in Apeldoorn, waar ik na mijn studie een tijd in het vluchtelingenwerk actief was. Daarna kreeg ik een baan in de verslavingszorg, ook een pittige job. Maar heel leuk en zeer leerzaam werk.” Mede door haar werk in de verslavingszorg ging Joke inzien dat ieder mens uniek is. En dát speelt mee in haar pastoraal werk.

Verbinding met het verhaal van God
“Het scheppingsverhaal vind ik zo prachtig”, zegt ze op een bevlogen toon. “Dat God aan Adam vraagt: ‘Mens waar ben je? Waar is je broeder?’ Dat is een richting voor mij. De ánder is heel belangrijk voor mij. Of er nu brandnetels in de voortuin staan of hij of zij in een villa woont. De ander is mijn drijfveer en die drijfveer is geïnspireerd vanuit het geloof. God maakt geen onderscheid; Hij denkt niet in hokjes. Ieder mens telt. En dat zie ik ook iedere keer in mijn werk als pastoraal werker in Sneek, dat ik sinds zes jaar doe.

We denken dat alles maakbaar is. Dat ís niet zo. Het scheelt écht waar je wiegje heeft gestaan

Halverwege 2021 zijn Sjaak en ik in het centrum van Sneek komen wonen. Onze droomplek op het Friese platteland - Surhuisterveen - lieten we achter. Naast mijn werk in de kerk ben ik vrijwilliger voor het Leger des Heils en was ik retraitebegeleider bij De Spil. Hier zijn is een uitdagende en uitdijende taak, want ik ben inmiddels op meer terreinen dan alleen het pastoraat werkzaam. Het pastoraat noem ik ‘zielzorg’, het luisteren naar de verhalen van mensen en met hen zoeken naar een - nieuwe - verbinding met het verhaal van God.”

“Struikelen achter Jezus aan”
“Het is een voorrecht om zo midden tussen de mensen te leven. Jezus deed niet anders, en Hem willen Sjaak man en ik graag volgen. Sjaak als kunstenaar met zijn eigen studio en levensinstelling en ik op mijn manier. Vaak noem ik het ‘struikelen achter Jezus aan’.”

Op de vraag wat voor Joke dan die struikelblokken zijn, antwoordt ze: “Ik vind mezelf soms lastig. De mens in zijn totaliteit vind ik mooi, maar ook lastig. Ook struikel ik over het lijden in de wereld. Ook privé. Zo was voor ons 1992 een rampjaar. In onze vriendenkring werden vier baby’s geboren. Twee baby’s overleden, één kwam gehandicapt ter wereld en één werd gezond geboren. Maar ook in mijn werk zie ik veel leed, want ik ben verantwoordelijk voor de uitvaarten. Ik maak me ook grote zorgen over de huidige toestand in de wereld. Wat voor levensstijl hebben we? We zijn verantwoordelijk voor de aarde, maar we putten haar uit. Dus ja, ik struikel regelmatig. Maar de stilte helpt me om weer op te staan.”

Prachtige schepping
Wat die ‘stilte’ betreft, vertelt ze: “Ik ben een langeafstandswandelaar en ga dus graag de natuur in, de prachtige schepping met al haar verschillende landschappen. Ook klei ik graag en ben ik creatief bezig. Ieder jaar probeer ik het klooster in te gaan en elke dag mediteer ik een kwartier. Zo zorg ik voor rust in mijn hoofd en in mijn lichaam.”

Ruimte voor verdriet
Het verhaal van God de wereld inbrengen, doet Joke Verboom onder andere met een jongerengroep. “Sjaak en ik kijken dan met een groep twintigplussers bijvoorbeeld films in zijn studio”, licht ze toe. “Zoals bijvoorbeeld ‘The Favourite’, een film die een ontluisterend beeld van de mens geeft, mede door alle intriges. Naast het jongerenwerk vind ik het ook leuk om les te geven binnen het Compascuum, het gezamenlijke studiecentrum waar alle kerken in Sneek bij betrokken zijn. Ik geef hier bijvoorbeeld een cursus pastoraat: ‘Troost als houvast’, rouwverwerking in kleine groepjes. Hierin praten we zes avonden over rouw, en daarin heeft ieder natuurlijk zijn of haar eigen verhaal.

Ik vind het buitengewoon mooi om de vraag ‘wat is nou troost?’ te verkennen. Echte troost verbindt zich met de werkelijkheid. Troost maakt mensen zelfstandig én biedt ruimte voor verdriet. Al is dit nog zo groot, er is wel degelijk troost te bieden. Een buurvrouw die een pannetje soep komt brengen, soms is het simpel. Troost bieden betekent ook ruimte geven om te luisteren naar de ander. Want we zijn gewend om de stilte vol te praten.”

Waar in het huidige tijdsgewricht is er ruimte voor de kerk?

Rêstplak Fryslân
Voor de toekomst heeft Joke mooie dromen: “Ik ben onder andere bezig met het project ‘Rêstplak Fryslân’. Dit is een stichting in wording waarin we ‘iets’ aan de dakloosheid willen doen. Ook in Friesland komt dit veel voor. Daklozen zijn vaak mensen met financiële en/of relationele problemen. We hopen met behulp van subsidie van It Iepen Mienskip Fonds deze plannen uit te rollen, want teveel mensen zitten in de dak- en thuislozenopvang waar ze niet horen. We willen graag met vrijwilligers tijdelijke gastgezinnen realiseren, waar de mensen kunnen wonen.”

God ziet iedereen
“Voor de kerk heb ik ook zo mijn dromen: ik denk dat we de leegloop van de kerk maar eens goed moeten ervaren, verkennen en voelen. Waar in het huidige tijdsgewricht is er ruimte voor de kerk? De kerk beweegt met onze cultuur mee. Ook mogen we het verhaal van Jezus actueel maken. De vraag ‘wat moet ik als mens met dat verhaal?’ sluit mooi aan bij het huidige tijdsbeeld, waarin we denken dat alles maakbaar is. Dat ís niet zo. Het scheelt écht waar je wiegje heeft gestaan. Ik vind dat wij een hele dikke ‘ik’ hebben, ook in óns land. Dat vind ik onzin. En dáár zit de ruimte. Dat God iedereen ziet.”


Foto: Laura Keizer Fotografie
Tekst: Amanda de Vries