WOUDSEND - Henderina Wiersma (52) komt uit Woudsend en heeft haar hart verloren in de bergen van Oostenrijk. Op haar 29e is ze voor de liefde verhuisd naar Westendorf in Tirol. Daar geniet ze volop van de bergen en het ruimtelijke leven, waar thuis echt thuis is voor haar. Maar ze komt zeker drie à vier keer per jaar terug naar Friesland om dan vooral te genieten van de Friese meren. Ze woont “op de twee mooiste plekjes van de wereld”, zo zegt ze zelf.
Woudsend is een van die twee ‘mooiste plekjes op de wereld’. Henderina is er geboren. Haar ouders runnen er restaurant ‘t Ponkje, dat gevestigd is in een oud kerkje. Henderina: “Ik kom echt uit een horecagezin, mijn ouders waren veel aan het werk. Met name in de zomer maakten ze lange dagen. Ik ging in Woudsend naar school en daarnaast werkte ik bij mijn ouders in het restaurant.” Henderina merkt al snel dat ze dol is op de horeca en het toerisme. Ze kijkt met een heel fijn gevoel terug op haar jeugd in Friesland.
Horeca in het hart
“Ik ben wel een meisje dat echt van het toerisme en de horeca gehouden heeft. Mijn zusje is een andere kant op gegaan en is kapster geworden, maar ik heb de horeca altijd in mijn hart gehad. Al die gasten om je heen; telkens weer verschillende mensen. Dat vond ik altijd het leuke aan het werken in het restaurant. Met name in de zomer was het er druk. Veel mensen huren een bootje voor een week, dus zo had je elke week nieuwe gezichten.”
In de zomer geniet ze van het toerisme, de bootjes op het water en de Friese natuur. Wanneer ze haar middelbare school afrondt, verhuist ze naar Sneek en volgt ze in Leeuwarden de horecaopleiding, nadat een administratie-opleiding niet bevalt. In Sneek beleeft ze haar stappersjeugd. Ze woont op de Singel en steekt in het weekend regelmatig de steegjes door om in De Witte Kat en De Sneeker Pan te belanden. “Als ik aan Sneek denk, moet ik echt aan mijn stapperstijd denken. Ik kijk daar met veel plezier op terug.”
Ski-lerares in Oostenrijk
Het is vaste prik: ná de drukke kerstdagen waarop Henderina haar ouders altijd moeten werken, met de auto richting Oostenrijk. Met het hele gezin op naar Westendorf. “Toen ik een jaar of 22 was, vroeg mijn vader of het niet iets voor mij was om skiles te geven in Oostenrijk. Ik kon wel aardig skiën, had veel lessen gevolgd en besloot ervoor te gaan. Dat jaar ben ik al in begin december naar Oostenrijk gegaan om daar een opleiding te volgen. Dat heb ik uiteindelijk zes winters gedaan. In de winter in Oostenrijk werken en vlak voor de zomer weer terug om bij mijn ouders in ‘t Ponkje te werken. ’s Winters is het bij mijn ouders in de zaak veel rustiger dan in de zomer, dus deze constructie kwam voor ons beiden mooi uit.”
Toch werd alleen maar skiles geven, op stap en geld uitgeven op een gegeven moment wel wat saai. “De eerste twee jaar vind je het geweldig om alles mee te maken, maar daarna is het bijzondere er wat vanaf. Daarom ging ik op zoek naar een extra baantje en kwam ik weer in de horeca terecht.” Henderina gaat aan de slag in hotel Mesnerwirt in Westendorf.
Onverwachtse liefde
Het hotel is van de ouders van Jacob Lenk. Jacob heeft haar benaderd of ze wil bijspringen in verband met ziekte. Ze neemt de baan aan en merkt dat ze een leuke klik heeft met Jacob. Al snel blijkt dat ze meer voor elkaar voelen. Henderina vertelt: “Ik was een jaar of 28, dus we waren niet meer piepjong, maar het is lang niet over een nacht ijs gegaan. We zagen elkaar alleen in de winter wanneer ik in Oostenrijk was, dus in de eerste zomers viel het vaak weer wat stil. Maar dan was ik er die winter erna weer en bloeide het weer op. Op een gegeven moment ben ik ook eens in de zomer in Oostenrijk geweest en is Jacob ook een keer bij mij in Nederland op bezoek gekomen. Toen Jacob mij een paar maanden later een appartementje voor ons samen in Westendorf liet zien, wist ik dat het wel echt serieus was. En dus was het moment daar om keuzes te maken.”
Een hele makkelijk keuze noemt ze het niet. “Toen ik mijn ouders vertelde dat ik naar Oostenrijk ging verhuizen, waren ze allereerst heel erg blij voor mij. Als je kind gelukkig is, dan ben je zelf ook gelukkig. Bovendien houden zij ook van Westendorf en kennen ze het goed. Maar ik zat wel een tijdlang in dubio, want in Woudsend lag ook een prachtige kans voor mij; ik zou in de toekomst het restaurant van mijn ouders overnemen. En dat ging nu natuurlijk niet meer door. Ik koos voor de liefde, maar wilde tegelijkertijd ook liever niet mijn ouders teleurstellen. Toch was het simpel: óf ik ging naar Oostenrijk, óf Jacob kwam naar Nederland. En heel eerlijk denk ik dat een Nederlander makkelijker naar Oostenrijk verhuist dan andersom. Bovendien heb ik me altijd thuis gevoeld in Oostenrijk. Ik heb nooit heimwee of een seconde spijt gehad.”
Een nieuw leven in Westendorf
Op haar 29e verhuist Henderina in oktober naar Oostenrijk. Dat was best even wennen. “Oktober valt hier echt in een soort tussenseizoen. Er zijn weinig toeristen, er is geen sneeuw en het is ook niet mooi weer. Jacob ging wel eens een kaartje leggen en dan ging ik ook mee voor een kopje koffie of een borreltje. Alleen spreekt iedereen hier een zwaar dialect. Duits kan ik hartstikke goed spreken, maar Oostenrijks is echt een hele andere taal. Ik zat dan maar wat te luisteren en durfde niets te vragen. En wanneer ik dan iets zei, viel het natuurlijk helemaal stil en luisterden ze allemaal naar mij waardoor ik een volgende keer helemaal niets meer durfde te zeggen. En natuurlijk dacht ik in die periode wel eens: ‘Jeetje wat doe ik hier?!’ Ik moest echt mijn weg vinden.”
Al snel breekt de winter aan en voordat ze het weet zit Henderina al een stuk lekkerder in haar vel. Ze is lekker aan het werk in het hotel, heeft veel Nederlandse gasten om zich heen en leert tussendoor de Oostenrijkse taal steeds beter. “Het is een lastig dialect; veel mensen verstaan het niet. Maar vooral door veel onder de mensen te zijn, heb ik het geleerd. En ik kijk geen Nederlandse televisie meer. Dat leek me wel een slimme zet. Maar daardoor is het veel Duitse tv waarbij alles wordt nagesynchroniseerd. Ja, dat was wel even wennen”, lacht Henderina.
Vier jaar na haar vertrek naar Oostenrijk krijgen Henderina en Jacob Lenk een zoontje: Nikolas. Henderina combineert het moederschap met het werken in het hotel. Door de komst van Nikolas leert ze weer veel nieuwe mensen kennen en zo voelt ze zich elk jaar weer meer thuis in Oostenrijk.
Tradities
“Oostenrijk is een land vol met tradities”, zo vertelt Henderina. “De katholieke kerk is nog druk bezocht; feestdagen worden groots gevierd en op zondag is alles dicht. Omdat hier maar weinig verschillende culturen leven, blijven die tradities ook in stand. Je hebt hier niet op elke hoek een Chinees- of sushi-restaurant. Het is nog heel authentiek. Ik ben niet sterk gelovig, maar áls je dan gelovig bent, dan moet het ook leven. En dat doen ze hier ook echt; het is een hechte gemeenschap. Daarom ga ik zelf op bijzondere momenten en met feestdagen ook naar de kerk. Daarin ben ik helemaal ingeburgerd en dat voelt goed.”
Een Fries is altijd welkom
Vandaag de dag runt Henderina als bazin zowel het hotel, het restaurant en de après-ski bar die zich onder het hotel bevindt. Ze doet dus van alles, maar focust zich vooral en het liefst op haar medewerkers. “Ik ben ontzettend blij met ons personeel. Naast het vaste personeel werken we veel met Nederlandse mensen die in de winter hiernaartoe komen. Bijna al ons personeel krijgen we via een wervingsbureau in Nederland. Ook werken veel Friezen bij ons. Dat vind ik echt ontzettend fijn samenwerken. Los van het feit dat ik dan weer eens even Fries kan praten, ben ik ook echt te spreken over de mentaliteit. Zodra er iemand uit Friesland solliciteert, neem ik diegene bijna blind aan. Als je een Fries aan het werk hebt, dan heb je vaak een werkpaard in huis.”
Doorgaan zolang het leuk is
Zoon Nikolas werkt inmiddels als kok in het restaurant van het hotel. Hij heeft ambities om het hotel ooit van zijn ouders over te nemen. Maar dat mag van Henderina nog wel een flink aantal jaren duren. Ze vertelt: “De gasten en de mensen om me heen maken me nog elke dag gelukkig. Ik vind het heerlijk om mensen blij te maken. Dat zit gewoon in mij en dat wil ik nog heel lang doen. Ik zou niet weten wat ik anders zou moeten doen. Daar wil ik ook helemaal niet over nadenken, haha!”






