Vlootpredikant Gert Pennekamp gaat na kerst weer op missie

Door: Redactie 25 dec 2023, 09:30 Algemeen
Afbeelding

OOSTHEM - Gert Pennekamp (59) uit Oosthem is vlootpredikant. In deze functie bracht hij de kerstdagen al eens door op een onderzeeër in de Middellandse Zee en op Aruba, bij 25 graden Celsius in een openluchtdienst met 1500 mariniers, hun gezinnen, toeristen en vooral veel Arubanen. Binnenkort gaat hij op missie naar Bosnië, maar tijdens deze kerst is hij nog thuis bij zijn familie. Wij hadden het genoegen Gert Pennekamp te ontmoeten in een openhartig gesprek over geloof, hoop en naastenliefde. 

Er wordt goed voor ons gezorgd in huize Pennekamp. Gert neemt galant onze jas aan, schenkt groene thee in en serveert daar heerlijke koekjes met walnoten en honing bij. We zijn benieuwd naar zijn levensverhaal, dat in 1964 in het Gelderse Westervoort, vlak onder Arnhem, begint. “Ik kom uit een echt middenstandsgezin. Mijn ouders hadden een fietsenzaak die overigens nog steeds bestaat. Samen met twee jongere broers groeide ik op en allemaal hielpen we mee in de zaak. Het was de bedoeling dat ik die zou overnemen; daarom ging ik naar de heao in Arnhem.”

“De wereld wordt steeds geloviger”
“Als gezin waren we aangesloten bij wat toen nog de Gereformeerde Kerk heette. Ik deed daar belijdeniscatechisatie en ontmoette daar Martzen Tjerkstra, mijn latere vrouw. Door deze catechisatie werd mijn nieuwsgierigheid naar een studie theologie gewekt. Het ging voor mijn gevoel écht ergens over: wie mag ik zijn?; hoe kun je het verschil maken mét en vóór mensen in de knel? Het idee was om na de heao een paar jaar theologie in Kampen te studeren en daarna het bedrijf van mijn ouders overnemen.”

Gert was inmiddels getrouwd met Martzen; het jonge stel woonde in Duiven, op een steenworp afstand van Westervoort. “Martzen was kostwinner, ik reed iedere dag van Duiven naar Kampen”, vertelt Gert verder. “Ik genoot van mijn studie. Die was heel breed: theologie, filosofie, sociologie, ik heb veel geleerd in mijn zeven studiejaren. Over het christen- en jodendom, alle wereldreligies. Interessant vond ik het om te zien dat bij ons de kerk afkalft, terwijl die bijvoorbeeld in Zuidoost-Azië groeit en bloeit. De wereld wordt steeds geloviger, het christendom en de islam groeien. 

Mijn studie liep overigens nogal uit de hand. Ik vertelde mijn vader na een paar jaar Kampen, dat ik door zou gaan voor het predikant schap. Dat was slikken voor pa, want het betekende dat ik niet in de zaak kwam. Uiteindelijk is dat toch goed gekomen, want mijn broer Peter – die leraar Engels en economie was – nam het stokje van mijn vader over.”

Recht door zee
Zijn eerste baan als predikant kreeg Gert Pennekamp in Vrouwenpolder op Walcheren. Martzen gaf haar baan op en het gezin met inmiddels twee kinderen vertrok voor vijf jaar naar Zeeland. “We kwamen daar in een warm bad”, herinnert Gert zich. “Als startende dominee werd ik van alle kanten geholpen. Walcheren is een schiereiland en de bewoners hebben een eigenheid waar ze erg trots op zijn. Zo was de eerste begrafenis die ik daar leidde van een vrouw in klederdracht. Heel bijzonder. Je hoorde van de gemeenschap meteen of iets goed of niet goed was. De Zeeuwen zijn eerlijk en recht door zee. Eigenlijk net zo als de Friezen.”

Samen op weg
Mede door de Friese wortels van Martzen vertrok het gezin vanuit Zeeland naar het Friese IJlst. Gert werd namelijk gevraagd om daar als predikant het project ‘Samen op weg’ mee vorm te geven. ‘Samen op weg’ is het samenwerkingsproces van de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evangelisch-Lutherse Kerk, om tot één nieuwe Protestantse Kerk in Nederland (PKN) te komen.

                                     

Gert Pennekamp: “Dat betekende veel inhoudelijke gesprekken met de bewoners organiseren. Kijk, als het gaat over de toekomst van de kerk, naar je kinderen en kleinkinderen. Wat geef je aan hen door? Niet alleen in fysieke zin - welk kerkgebouw mag blijven? - maar vooral ook inhoudelijke thema’s als: waar sta je voor? En wie staat er voor jou? Wat voor kerk/geloofsgemeenschap wil je zijn in dit stadje? Het was een intensieve tijd, maar het klikte aan alle kanten en uiteindelijk hebben we als gemeente het proces omarmd en is de Protestantse Gemeente IJlst ontstaan.”

Geestelijke verzorging bij de Marine
Na vijf jaar brak er een totaal andere tijd aan voor het gezin Pennekamp, dat inmiddels uit vier kinderen bestond. Gert werd door het toenmalige hoofd vlootpredikanten van de Koninklijke Marine, ds. Jur Majoor, gevraagd om te solliciteren als geestelijk verzorger bij de Marine. “Dat ik voor een aantal thuisfronten van uitgezonden mariniers al iets had kunnen betekenen, zal hierbij ongetwijfeld een rol hebben gespeeld”, meent Gert. Het thuisfront van Gert zelf was echter niet zo enthousiast. “Ons jongste kind was nog maar drie jaar. Maar we hebben het met zijn allen erover gehad, en dat leidde tot de afspraak dat ik het een jaar ging proberen. Als het niet lukte, dan zou ik weer stoppen. Gelukkig lukte het wel en kon ik vol overgave mijn functie als vlootpredikant vervullen.”

Bij de dominee komt het hele leven voorbij

Op de vraag waarom Gert voor het vak vlootpredikant heeft gekozen, antwoordt hij: “Het is een avontuurlijk vak waarbij je veel van de wereld ziet. Maar het belangrijkste is natuurlijk de geestelijke verzorging voor mensen die onderweg zijn naar allerlei plekken op aarde. Bij de dominee komt het hele leven voorbij, bij mij en mijn collega’s kun je terecht met vragen als: wat wil ik nu eigenlijk écht met mijn leven? Wie of wat is je heilig? Of: hoe ga je om met de ernstige ziekte van een familielid? Het is vooral een dialoog; we proberen elkaar te ontmoeten. Een groot hart en nog grotere oren, dat is wat je in mijn vak nodig hebt. Het gaat daarbij om minimaal twee contexten: je spirituele of geestelijke bagage én de situatie waarin je je bevindt. Ook voor wie daar niet vertrouwd mee is, kan de Bijbel opengaan en kunnen we een kaarsje branden.”

Connectie maken
Om een beeld te scheppen hoe een dag op een schip eruit ziet voor Gert, neemt hij ons figuurlijk mee aan boord. “Ik begin na het ontbijt met ‘schoon schippen’: stofzuigen, poetsen, van die dingen. Even op de brug kijken, een frisse neus halen, koffiedrinken in een van de verblijven. Ik probeer daarbij een luisterend oor te bieden voor wie daar maar behoefte aan heeft. We sporten samen, of ik help mee met bakken in de kombuis. Ik loop de hele dag mee met verschillende personeelsleden. Een connectie maken, in hun leefwereld stappen, dat is wat ik doe.

’s Avonds is er soms een filosofie- of bijbelkring. Vieringen houden we het liefst op zondag, maar dat lukt niet altijd. Dan houden we die op een andere dag. Tijdens missies aan land verblijven we met elkaar in een basiskamp, meestal in tenten. Tien jaar geleden waren we tijdens kerst op missie in Irak. De sergeant-majoor speelde de kerstman. In die bijzondere ambiance was de verbondenheid groot, dat kun je je wel voorstellen. De mariniers hebben het er nu nog over. Je wilt het ‘thuisgevoel’ creëren, dat is altijd het centrale thema.” 

De boodschap luidt: voor wie ben jij een thuis?

Medemenselijkheid
Geloof en oorlog, het schuurt. Maar het móét ook schuren, volgens Gert. “Want het is een startpunt voor de dialoog. Hoe houd je in oorlogssituaties de hoop en medemenselijkheid overeind? Brand je ook een kaarsje voor de vijand? Tijdens de kerstdagen worstel je misschien nog wel meer met deze vragen. En of dat nu in het Caribisch gebied in vredesomstandigheden is, of in Irak in een oorlogssituatie, de sfeer, de gezelligheid, het mag er allemaal zijn. Maar de boodschap luidt: voor wie ben jij een thuis? Wie hoort er wel of niet bij? Wie laat ik toe? Al deze vragen komen naar boven met kerst, als je zelf niet thuis bent.

Als ik Afghanistan als voorbeeld neem: wij hielpen de lokale bevolking en de lokale bevolking hielp ons. Toen wij – en later de Amerikanen – uit het land vertrokken en er een exit-strategie kwam, rees de vraag: wie neem je mee en wie laat je daar achter onder het oprukkende Talibanregime? Je hebt gewerkt met die mensen. Dergelijke situaties blijven je bij. En wij militairen lijken allemaal wel stoere kerels en vrouwen, maar je voelt je heel klein op die momenten. Je mist thuis, maar je wordt ook gemist! De achterblijvers moeten het allemaal maar fiksen. Het thuisfront zit met kleine, maar niet onbelangrijke vragen als: wie zet de kerstboom op? Wie bakt de oliebollen met oud en nieuw?”

Vaatwasser inruimen
Die laatste vraag stellen Martzen en de kinderen straks ook weer, want na kerst vertrekt Gert voor drie maanden op missie naar Sarajevo in Bosnië. “Ik kan daar niet al teveel over vertellen,” zegt hij, ‘’maar ik ga daar mee op patrouilles en verkenningen in de stad. Ook gaan we naar Srebrenica om te gedenken wat daar is gebeurd. Straks van huis weggaan is een dingetje, maar terugkomen is lastiger. Dan moet ik weer landen in het hier en nu en invoegen in het gezin.” Lacht: “Dan hebben we bijvoorbeeld discussie over hoe de vaatwasser ingeruimd moet worden. Volgend jaar word ik zestig. En ja, het kriebelt. Nog altijd vind ik het bijzonder om met een club mensen op pad te zijn en het leven te delen. Dus plak ik er graag nog een aantal jaren aan vast.”

Tekst: Amanda de Vries
Foto’s: Laura Keizer Fotografie

Tekst: Redactie