Cover verhaal - Creatieve taalduizendpoot Nynke de Jong
Het is een stralende septemberdag, als we buiten met schrijfster en journaliste Nynke de Jong (Goënga, 1985) aan een picknicktafel achter het kantoor van YingMedia aan de Zwarteweg in Sneek zitten om haar te interviewen. Eerst koffie, want ‘foar de kofje net eamelje’, en Nynke heeft er net een autorit vanuit haar woonplaats Zwolle op zitten. Daar woont ze samen met haar drie kinderen Janne (7), Abe (5) en Kees(3). Ze heeft een co-ouderschap met haar ex-man. Nynke is even terug in Fryslân om met ons te praten over haar werk, over taal en over de Friezen.

Als we Nynke de Jong op het Internet googelen, komen we op Wikipedia een bijnaam voor haar tegen: ‘De Broek’. “De Broek?”, stellen we als beginvraag? Nynke lacht. “Haha… dat is eigenlijk helemaal geen verhaal voor het interview. Iemand heeft dat op Wikipedia gezet. In 2015 presenteerde ik, gekleed in een hele leuke broek, het Nederlands Kampioenschap Wieler Kwissen in Utrecht. Een van de deelnemers heeft mij toen die bijnaam gegeven, dat is alles. Dat staat nu al jaren op Wikipedia, maar het slaat nergens op. Op Wikipedia staat ook dat Femke Bol haar bijnaam ‘Bambi’ is, hoe bedenk je het!” De toon is gezet.
‘Linkse’ opvoeding
Als Nynke terugblikt op haar jeugd in Goënga, stralen haar ogen en vertelt ze uit een “heelfijn en warm gezin”te komen. Haar twee oudere broers Jaap en Hayte zorgden ervoor dat Nynke de spreekwoordelijke kastanjes niet meer uit het vuur hoefde te halen en zich een ‘frij famke’ voelde. Ook jongere broer Jelte kon daarvan profiteren.
Nynke: “Er was reuring bij ons thuis, er kwamen veel vriendjes en vriendinnetjes bij ons over de vloer. We hadden een hecht buurtje, met veel kinderen van onze leeftijd. We speelden altijd op straat. Heit Gerben werkte bij het UWV en was lang wethouder van de gemeente Wymbritseradiel. Mem Sibbel was maatschappelijk werkster, die haar baan weer oppakte toen mijn jongste broer naar de middelbare school ging. Mijn ouders deden veel vrijwilligerswerk. Ze leerden elkaar kennen bij de Wereldwinkel in Sneek. Kun je nagaan hoe links ik opgevoed ben. Wij kregen een paar dingen mee. Ons huis stond open voor iedereen en het is er niet zozeer ingeramd, maar vanzelfsprekend om ervoor te zorgen dat anderen het ook goed hebben of krijgen. Toen ik later mensen tegenkwam die zeiden dat succes een keuze is en dat je het zelf moet zien te maken, begreep ik daar helemaal niets van.”
Tweetalig
Onder andere sporten - “Keatse!”, verduidelijkt Nynke - en verplicht naar de Algemene Muzikale Vorming hoorde bij de ‘voeding’ van de familie De Jong. En wat ze ook veel in haar jeugd deed, en nog altijd doet, is lezen. Ze las werkelijk alles wat los en vast zat. Boeken uit de bibliobus die alle weken in haar geboortedorp kwam tot de Libelle van haar moeder. “Toen we in 1995 een boekje met verhalen over de Tweede Wereldoorlog op school kregen is mijn fascinatie voor geschiedenis begonnen. Ik weet de titel nog van dat boekje ‘Frij…Frij…Frij’, met een oranje omslag. Ik las Nederlands en Fries. Wij zijn tweetalig opgevoed; onderling praten we nog altijd Fries met elkaar. It Frysk is ek de taal dy’t it tichst by myn hert leit.”
‘Sipkje S. Ritskes, misdaadverslaggever’
Na de basisschool De Twatine in Gauw, ging Nynke naar het Bogerman, waar ze het vwo deed, nadat ze eerst een jaar op het gymnasium had gezeten. Nog altijd heeft Nynke een vriendenploeg uit die tijd. Nynke voelde zich veilig en thuis op het Bogerman; het was kortom een ‘warme school’ in haar optiek.
“Ik heb daar geleerd om dingen ook echt te proberen, zeker op creatief gebied. We werden op die manier in het diepe gegooid door docenten als Anne Oosterhaven en Bob Pruiksma. Wat wij daar leerden sloot aan hoe het bij ons thuis ging. ‘Giest op dyn bek, dan giest mar op dyn bek’. Ik weet nog dat ik vanaf mijn vijftiende een schrift had waarin ik samen met Grietje Deinum verhaaltjes schreef over school. Fictieve verhalen over docenten. We hadden een scheikunde-docente, mevrouw Ritskens. Wij noemden haar ‘Sipkje S. Ritskes, misdaadverslaggever’. Er was een lijk in het Bogerman gevonden en zij moest die moord oplossen. Op een gegeven moment lazen onze klasgenoten het schrift ook, ja zelfs leraren vonden het prachtig. Tot ik op mijn kerstrapport vijf onvoldoendes had omdat ik alleen nog maar in dat schrift aan het schrijven was. Toen hebben mijn ouders het schrift maar even opgeborgen. Grietje heeft het schrift nog altijd.”
Taal en literatuur
Nynke de Jong heeft de liefde voor taal al van jongs af aan meegekregen. Bovendien noemt ze - als niet onbelangrijke bijkomstigheid - dat ze verbaal sterk moest zijn om tegen haar twee oudere broers op te boksen als er gediscussieerd werd in huize De Jong. Scherp, snel en een goed verhaal was essentieel om niet door hen overruled te worden.
Na het behalen van het vwo-diploma ging Nynke eerst Taal- en Cultuurstudies studeren in Utrecht. “Maar ik verzoop er helemaal”, bekent ze. “Uit Goënga was alles nieuw voor mij in zo’n grote stad. Feestje hier en feestje daar. Ik snapte nog helemaal niet hoe het studentenleven ging. Na een jaar belde ik met heit en vertelde hem dat ik ophield met deze studie. Zijn reactie was: ‘En wat silsto no dwaan?’ In een soort van impulsieve flits antwoordde ik: ‘Nederlands’. Achteraf heeft die keuze alles te maken met de lessen Nederlands die ik van mevrouw Margriet Kingma op het Bogerman had gehad, die was goed en scherp. Ze accepteerde nooit dat ik mij er met een Jantje van Leiden vanaf maakte, ze pushte mij enorm. Ik hield van lezen, taal en literatuur, zodat de keuze snel was gemaakt. In de literatuur kun je alle levens leven die je maar wilt. Achteraf had ik voor geschiedenis moeten kiezen, dat vond en vind ik helemaal geweldig. De literaire non-fictie van bijvoorbeeld Geert Mak, ik vind het prachtig.”
Net zoals veel Friezen, die vanuit hun thuissituatie Fries praten, vertelt Nynke dat zij toch minder ‘linich’ in haar ‘thústaal’ Fries is. Wel dat het Fries voor haar een emotionele lading heeft. “Ik ha trije bern en hieltyd at ik befallen wie koe ik allinne mar Frysk tsjin se prate, wylst wy ûnder mekoar thús yn Swolle Nederlânsk prate. Ik praat ek Nederlânsk mei de bern. Mar de earste pear wike is myn fiertaal altyd Frysk. Ik sjong dan ek Frysk foar de bern. Ja, it is hiel apart, mar ik kin der net los fan.”
Columniste
Al in haar studententijd werd Nynke de Jong columniste voor het weekblad Viva, nadat ze een columnwedstrijd voor het magazine won. Het was voor haar een leerschool, want een goede column schrijven is ‘meters maken’. Na haar afstuderen was het eerst de bedoeling om als leraar Nederlands het onderwijs in te gaan. Maar in de zomer van 2010 bedacht Nynke samen met wielrenster Marijn de Vries een boek: ‘Vrouw en fiets’.
Nynke: “Oh, wonder. We kregen een boekcontract, de uitgever wilde wielrenster Marijn binnen hengelen en kregen mij er gratis bij. In die zomer kwam ik ook in contact met Claudia de Breij en die vroeg mij of ik aan haar programma op 3FM mee wilde werken. En oh ja, ik heb toen Hans Snijder, de hoofdredacteur van de Leeuwarder Courant, gebeld of ik niet voor zijn krant columns kon schrijven. Er waren toen nog geen jonge meiden die dat voor de LC deden, en ik kreeg die kans. Een goede column moet persoonlijk zijn, waar lezers zichzelf in herkennen. Of hun eigen verhaal boven op kunnen leggen. Columns schrijven vreet energie, ik doe het nu niet meer. Ik ben nog altijd freelancer, voor radio, tv en verschillende geschreven media.”
TV en podcast
Wie een blik op Nynke haar cv werpt ziet dat zij voor verschillende tv-programma’s side-kick was, onder andere bij ‘De Wereld Draait Door’. Over DWDD zegt ze: “Ik ha der noait wat fan murken dat dy sfear sa fersykt wie; se ha it blykber fier bij mij wei holden.” Nynke is nog steeds te bewonderen in het populaire programma ‘Beat the Champions’. Ook werd ze twee keer tweede bij de tv-quiz ‘De Slimste Mens’. “Ik vind tv heel leuk, omdat ik er niet afhankelijk van ben. Ik heb mijn podcast, dat is mijn werk. Ik maak er nu drie: ‘Alle geschiedenis ooit’, die loopt heel goed. Het is een van de grootste podcasts van Nederland. Ik maak al heel lang een podcast met de titel ‘Ik Ken Iemand Die’ en dan nog ‘Chefs de Missions’.” Voor de mensen die niet weten wat een podcast is, legt Nynke uit: “Het is een audio-document. Het kan over van alles gaan. Een praatpodcast met een gesprek tussen vrienden, maar ook een geschiedenisles voor op je oren.”
Huub Stapel en ‘Het mysterie van de Friezen’
“Het afgelopen jaar heb ik met Huub Stapel het programma ‘Het mysterie van de Friezen’ gemaakt, dat volgend jaar op tv komt. Het is een documentaireserie over de Friezen. We hebben heel veel in Friesland gedraaid. Het is net afgerond en zijn het nu aan het monteren.
Witst wat sa grappich wie? Seine de minsken: ‘Ha, Huub Stapel!’ Waarop Huub dan zei: ‘En Nynke de Jong’. Het antwoord van de Friezen was dan weer verrassend: ‘Ja, die kenne we wol!’ Dat is myn bekendheid, ik hear blykber bij it meubilêr. Ik wol hjir altyd in plak ha om werom te kommen, ik kin net los fan Fryslân.”
Tekst: Henk van der Veer
Foto: Laura Keizer












