Exposanten Henrie Vogel en Jolanda van de Grint exposeren bij Galerie Bax Kunst
De schilderijen van Henrie Vogel stralen van licht en kleur. De inspiratie vindt hij in wat hij noemt ‘onbelangrijke plekken’, zoals een slootrand of een bocht in een weg. Vervolgens vertaalt hij zo’n plek in een langdurig schilderkunstig proces naar een vrijwel abstract beeld. De fijnzinnige compositie, de subtiele kleurovergangen en de haast rituele verfbehandeling geven zijn doeken een mystieke uitstraling.

In de expositie bij Bax Kunst toont hij zijn allernieuwste werk. Waaronder het werk dat geïnspireerd is door het waterloopkundig bos in de Noord-Oostpolder. Vogel vertelt over zijn vertaalslag van landschap naar beeld: “Ik leg kanalen aan van verf, ik probeer combinaties van richtingen en vormen uit. Het doek is voor me, als een landschap. Het ligt op de grond. Ik maak mijn compositie als proefopstelling. Dan gebeurt het pas echt: de zwaartekracht werkt en de natte verf vloeit uit. In de verf zit inkt en pigmenten. Water vloeit naar het laagste punt. De ventilator maakt wind. Door het drogingsproces is er ook de factor tijd die meedoet. Ik kijk en stuur een beetje. Zo ontstaat er een nieuwe natuur. Het is elke keer weer een wonder als in die dialoog een beeld ontstaat.“
De schoonheid van imperfectie Jolanda van de Grint (Heerlen, 1961) studeerde in 1984 af aan de lerarenopleiding handvaardigheid, met als hoofdvak keramiek. Haar afstudeerwerk bestond uit klein werk van porselein. Na jaren andere bezigheden te hebben gehad, kwam ze in 2006 weer terug bij keramiek om het nooit meer los te laten. Zij vertelt over haar werk: “Wabi-sabi (Japanse filosofie en esthetiek) is het uitgangspunt voor mijn werk. Voor mij maakt imperfectie een voorwerp interessant: een afbladerende muur; een stuk verroest ijzer; de aardlagen in een berg. Door het verouderingsproces ontstaan er willekeurige patronen, die interessanter zijn dan bedachte patronen.”
Die sfeer wil zij terug laten komen in haar werk. In de zoektocht naar passende stooktechnieken kwam van de Grint uit bij saggarfiring. “Op deze stooktechniek heb ik wel invloed, maar geen controle. De patronen ontstaan door toeval. Een deel van de vormen hebben een wit, glad oppervlak waar de kleuren die ontstaan in de saggar goed op uitkomen. Andere vormen hebben juist een ruw oppervlak, deze krijgen vaak wat donkerdere kleuren en refereren aan droge aarde of een rotswand. De serie (un)broken bestaat uit vormen die ik na de biscuit stook breek en dan stook in de saggar. Daarna zet ik ze weer in elkaar. Hierdoor ontstaan onderbroken patronen.”
De expositie duurt nog tot en met 6 april 2019














