Algemeen

Piekfijn verzorgd houdt Karin Friese traditie in ere: “Je waant je in een andere wereld als je de kleding aan hebt”

Door: Riemie van Dijk

Tijdens haar jeugd in haar geboortestad Harlingen was paardenmeisje Karin Bekke-Draaisma uit Raerd al gebiologeerd door het ringsteken tijdens de Visserijdagen. Ze had nooit kunnen bedenken dat ze dit zelf zou gaan doen. Sinds 2022 is ze present op verschillende Friese ringsteekevenementen. In haar zelfgemaakte Fries kostuum probeert ze dan haar houten pistooltje door een ringetje te steken.

Karin Draaisma
Karin Draaisma Foto: Laura Keizer Fotografie

Karin (44 jaar) verhuisde naar Leeuwarden toen ze 9 jaar oud was. Samen met een vriendin had ze een verzorgpaard net buiten Marssum. Daarna reed ze een hele tijd niet. Pas na haar scheiding toen ze met haar oudste dochter naar Raerd verhuisde, pakte ze het rijden weer op. Eerst bij de manege in Sneek en later op stal bij Anneke van der Staal. Daarna werd ze groom, de helper van menner Rik Schoenmaker, die met zijn dochter aan ringsteken deed.

“Toen Rik een ander paard kreeg, vroeg hij mij of ik paard Redmar door de week wilde rijden. In die tijd woonde hij nog in Soest. Redmar staat op de boerderij van Anneke en André van der Staal, zo’n anderhalve kilometer van hier. Anneke en haar zus Hetwich met wie ik regelmatig samen rijd, zijn beiden ook ringsteeksters.

Hetwich steekt met haar vader Ruurd, André en Anneke steken samen en Sita, de moeder van Anneke en Hetwich, is speaker tijdens de wedstrijden. Zij zitten helemaal in dat wereldje.” Lachend: “En waar je mee omgaat, word je mee besmet. Rik woont inmiddels in Lemmer, zijn paard staat nog steeds hier. Toen Riks dochter zwanger werd en kinderen kreeg, ben ik bij hem op je sjees gestapt om te gaan steken.”

Karin Draaisma
Karin Draaisma (Foto: Laura Keizer Fotografie)

Onderdeel Friese cultuur

Onze provincie kent twee organisaties die ringsteekwedstrijden organiseren: De Friese aanspanning en het Friese Tuigpaard. “Het merendeel van de beoefenaars van het ringsteken is net als ik 40+. Veelal mensen die een sjees hebben geërfd of uit de tuigwereld komen”, vertelt Karin. Ze geniet met volle teugen van dit volksvermaak met een wedstrijdelement. “Het is leuk voor het paard, jezelf en het publiek. Mijn paard vindt het fantastisch. Hij staat echt te springen, heeft zin om te gaan. Ikzelf vind het altijd leuk en vooral gezellig. Voor het publiek is het extra leuk als er een speaker is die leuke anekdotes en informatie deelt.” Ringsteken is wat Karin betreft écht onderdeel van de Friese cultuur. “Over taal is al veel te doen, maar er is meer.”

Handig met naald en draad

“Vroeger gingen mensen in hun sjees en in het Fries modekostuum naar de kerk. Aan die kleding kon je veel aflezen. Zo vertelden zilveren of gouden oorijzers die de vrouwen droegen, iets over hun rijkdom. In Staphorst lopen mensen nog in klederdracht, hier niet meer. Juist die combinatie van kleding en paarden maakt het speciaal. Je waant je in een andere wereld als je de kleding aan hebt.”

Het kostuum dat Karin tijdens het ringsteken draagt heeft ze zelf gemaakt. “Gelukkig ben ik heel handig met naald en draad.” Wijzend naar de naaimachine die op tafel staat: “Ik ben nu bezig met een kostuum voor mijn jongste dochter. Ook heb ik al drie kostuums voor mede-steeksters gemaakt.”

Deze creatieve bezigheid staat dichterbij Karins werk bij Miedema accountants in Sneek dan je zou denken. “Goed omgaan met cijfers is handig als je maten neemt of als wilt berekenen hoeveel meter stof en plooitjes je nodig hebt”, lacht ze.

Karin Draaisma
Karin Draaisma (Foto: Laura Keizer Fotografie)

Smalle taille brede heupen

Met behulp van de paspop in de woonkamer en dozen met accessoires legt ze uit, welke kleding zij tijdens evenementen draagt. “Het begint met een witte onderbroek en daarover een witte onderrok. Daarna komt de hoepel en een bovenrok. Het modebeeld van toen wilde een smalle taille en brede heupen”, verklaart ze de hoepel. Bij regen kan de bovenrok over het hoofd geslagen worden. “Dat is om te voorkómen dat de floddermuts nat wordt.” De floddermuts met vele plooien wordt gesteven in een speciaal rek, die zorgt dat alle golfjes gelijk zijn. Daaronder zit een onder-mutsje en daar bovenop komt een zwart kapje en het oorijzer.

Dan is er het jak met een schootje, afgetuned met een schort, een tipdoek en ondermouwtjes. Een stel gebreide kniekousen en schoenen met een gesp maken het plaatje compleet. “Ik maak het af met sieraden, zoals een broche, oorbellen en ketting. Om mijn taille draag ik rechts een beugeltas en links een chatelaine, een rokhaak met daaraan een speldenkussen, schaar en naaldenkoker.”

Alleen al zo’n chatelaine kost bij een antiekjuwelier tussen de 950 en 1.500 euro. “Ja, het is een dure hobby als je alles moet kopen. Ik doe het stapsgewijs. Een deel van mijn kostuum heb ik in bruikleen van Rik. Ik draag een bloedkoraal dat uit mijn familie komt. Het oorijzer heb ik voor 200 euro via Marktplaats gekocht, echt een mazzeltje, en met dank aan Sita weer een glimmend pronkstuk.”

Friese volkslied

De ringsteekagenda loopt van juni tot en met september en kent vele evenementen. “De Heamieldagen in Bolsward, de Boerebrulloft in Joure, de Visserijdagen in Harlingen, de evenementen van Langweer, Appelscha, Heeg en Irnsum. Afgelopen jaar was er ter ere van 500 jaar koopstad Sneek voor het eerst een Fries Kampioenschap, waarbij veertien combinaties aanwezig waren. Dat was zo succesvol dat we afgelopen juni opnieuw mochten ringsteken op de Singel.”

Elk evenement heeft zo zijn eigen charme. “Bolsward en Harlingen zijn erg mooie steden om te rijden. Negen van de tien keer is het mooi weer en is er veel publiek. In Harlingen rijden we langs volle terrassen. Als we klaar zijn maken we een ereronde en draven we vol ‘gas’ langs de terrassen. Bij de prijsuitreiking speelt vaak het Fries volkslied. Dan gaat de zweep omhoog en zingt iedereen mee”, verwoordt Karin een terugkerend kippenvel moment.

Ringsteken
Ringsteken (Foto Johanna Faber)

Streep in voorhoofd

Het mooiste evenement vindt ze de Boerebrulloft in Joure. “Omdat het een complete boerenbruiloft is. Een bruidspaar dat écht gaat trouwen, zoals ze dat rond 1850 deden. Er is een defilé, een optocht voorafgegaan door het bruidspaar met twee paarden voor de koets en een rij koetsen erachteraan. Het bruidspaar gooit als afscheid van hun jeugd snoepjes naar het publiek en rijdt altijd even langs de verzorgingshuizen. De huwelijksvoltrekking vindt plaats op Heeremastate. Daar stappen de dames af, de mannen spannen de paarden uit en komen vervolgens terug. Na de huwelijksvoltrekking is er een bruiloftslunch, waar het bruidspaar van het afgelopen jaar krentewegge als teken van vruchtbaarheid uitdeelt.” Deze dag die van 07.00 tot 17.00 uur duurt, wordt altijd afgesloten met ringrijden door de Midstraat. “Daarna kan pas mijn oorijzer af. Ik ben altijd blij als ik hem afdoe: dan heb ik een streep in mijn voorhoofd vanwege de strak zittende ondermutsjes”, lacht ze.

Altijd pleisters in de tas

Er zijn verschillende manieren waarop dames de ringen op hun pistooltje kunnen steken. “Sommige dames hangen uit de sjees; anderen zoals ikzelf blijven recht zitten of hangen een beetje opzij. Ik doe het wat op goed geluk, want de weg is niet egaal en de sjees hobbelt. Je kunt het wél trainen. Er zijn dames die bijna alles raak steken. Het zijn ook de afspraken tussen de menner en de steekster die bepalen of je ver of dicht langs het paaltje met een houten hand met ring ertussen rijdt. Zodra je de ring hebt gestoken, klapt het handje weg. Regelmatig heb ik bloed aan mijn handen omdat ik tegen het hout stoot. Ik heb dan ook altijd pleisters in mijn tas.”

Meestal bestaat een wedstrijd uit vier of zes ronden. “De eerste ronde krijg je één punt per gestoken ring, de tweede twee punten, de derde drie punten, de vierde vier punten, enzovoort. Die punten tezamen vormen je totale score. Laatst in Sneek waren er zes ronden. Als je dan de laatste twee ringen mist, ben je twaalf dure punten kwijt”, rekent Karin voor. “We zijn al wel een aantal keren in de prijzen gevallen. Ook de prijs voor het schoonste geheel hebben we al vaker gewonnen. Maar we doen niet mee voor het winnen.”

Karin Draaisma
Karin Draaisma (Foto: Laura Keizer Fotografie)

Toekomst van het ringsteken

Karins dochters zijn geen paardenmeisjes en zullen niet in hun moeders voetsporen treden. “De toekomst van het ringsteken hangt af van wat er in de paardenwereld gebeurt”, blikt ze vooruit. “Regels over registratie en mestafvoer worden scherper, gedoe rond vergunningen en dranghekken maken organisatie van een evenement lastig.”

Dat lijkt me wel wat

Wie zou Karin graag eens een keertje meenemen op de bok? Na enig nadenken antwoordt ze: “Koning Willem Alexander! Zijn grootmoeder Wilhelmina was ooit beschermvrouwe van de Koninklijke Vereniging het Friesch Paarden-Stamboek. Ze had een warm hart voor het Friese kostuum en heeft op 11-jarige leeftijd een Fries kostuum cadeau gekregen van de provincie. Ja, laat Willem Alexander maar eens in Fries kostuum en met blauwe kniekousen naast mij zitten. Dat lijkt me wel wat.” Ze besluit: “Hij kan een vliegtuig besturen. Een paard mennen, moet dan ook kunnen toch?”

Het eerstvolgende ringsteekevenement van het Friese Tuigpaard is tijdens de Visserijdagen in Harlingen van 26 t/m 30 augustus.



Karin Draaisma
Karin Draaisma
Karin Draaisma
Karin Draaisma
Karin Draaisma
Karin Draaisma
Karin Draaisma
Ringsteken
Afbeelding