Algemeen

Hans Betz in de ban van zijn Zwitserse treinen: “Ik vind het bouwen het leukst”

Door: Richard de Jonge

De zwaailichten van de brandweerauto staan aan en ook de sirene is hoorbaar; bij een chemiefabriek iets buiten het dorp is brand. En dat is niet de enige calamiteit want voor het spoorwegstation is een aanrijding gebeurd. De politie is ter plaatse, net als de dokter die een van de slachtoffers reanimeert. Ook hier zwaailichten. Intussen rijden ook de treinen. Ze zijn niet alleen verlicht van binnen, maar maken ook het bekende geluid als vlak voor vertrek de druk van de remmen wordt gehaald. En dan hebben we het nog niet gehad over de wissels en seinen, die moeten worden bediend om grote catastrofes zoals een botsing tussen twee treinen op deze middag te voorkomen. Druk zat. En het ziet er levensecht uit; je ziet hem op en neer bewegen, de dokter. We zijn terechtgekomen in de miniatuurwereld van Hans Betz (76) in Woudsend, een wereld die nooit af komt... 

Afbeelding
Richard de Jonge

In een voormalige kantoorruimte in zijn woning in Woudsend heeft Hans Betz een diorama gemaakt van 3,5 bij 2,5 meter, met zestig meter rails, de wereld aan huisjes in een decor van Zwitserse bergen en dito treinen. Niet zo gek want Betz is Zwitser van geboorte. Hij werd geboren in Bazel. Zijn vader onderhield met zijn transportbedrijf een lijndienst tussen Bazel en Rotterdam. Zo kon het gebeuren dat de jonge Hans Betz al op twaalfjarige leeftijd ons land bezocht. Op een gegeven moment ontdekte hij het schrijversvak, werd journalist en had hij uiteindelijk een uitgeverij met vijftien mensen in dienst. Belangrijkste medium was het blad TIR, een vakblad voor de vervoerssector dat in heel Europa verscheen.

Genaturaliseerd

Hans J. Betz werkte op alle vijf continenten en zegt als aardigheid dat hij indertijd Martien van Doorne, zoon van Hub van Doorne, een van de twee grondleggers van DAF, nog heeft geïnterviewd. Na 22 jaar verkocht Betz zijn uitgeverij en zocht een nieuwe uitdaging. Door de watersport kwam hij zijn Beatrice tegen. “Zijn eerste vraag was of ik touw kon splitsen”, grapt fotojournaliste en grafisch ontwerpster Beatrice Betz-Tobler. Al snel werkten ze samen, verhuisden ze naar Woudsend, werden correspondent voor verschillende Zwitserse bladen en gaven ook zelf een succesvol watersportblad uit. Intussen woont het echtpaar Betz hier bijna dertig jaar en zijn ze genaturaliseerd tot Nederlander.

Huis vol Zwitserse treinen

Hans is dan wel genaturaliseerd tot Nederlander, maar Zwitserland zit in zijn genen, en als je opgegroeid bent in Zwitserland, ben je opgegroeid met een modelspoorbaanlandschap in de geliefde Zwitserse stijl. Bij de kleine Hans was dat niet anders. Het begon allemaal toen hij een jaar of zeven, acht was. “Ik mocht een paar maanden niet in een bepaalde kamer komen. Pas later begreep ik waarom: mijn moeder had van papier-maché een berglandschap gemaakt met daarin een trein die mijn vader voor mij had gekocht. Die kostte honderd Zwitserse francs, heel veel geld in die tijd.” Betz speelde er naar eigen zeggen een paar jaar mee, kreeg andere interesses en pas een kleine veertig jaar later bloeide de liefde weer op. Het echtpaar was toen al geëmigreerd naar ons land. “We gingen van treinenbeurs naar treinenbeurs”, zegt de sympathieke inwoner van Woudsend. “Hier een locomotief, daar een stel wagons, al gauw een kast vol.” “Kast vol? Het hele huis stond vol!”, lacht Beatrice. Knipogend: “Ik werd er gek van. Bij elke kast die je open deed zag je huisjes, wagonnetjes, autootjes, treintjes.” Betz schat dat hij in het verleden alleen al rond de honderd locomotieven had. Volgens zijn vrouw waren het er veel meer.

Bouwen... en weer afbreken

Hij bouwt er al bijna vier jaar aan, aan zijn miniatuurwereld. Want het zijn niet alleen de dingen die je ziet; onder de baan zorgt een netwerk van vierhonderd (!) meter kabel ervoor dat alles functioneert zoals het bedoeld is. ‘Monnikenwerk’ is de ene reden dat het zo lang duurt. “De andere is dat hij de boel steeds afbreekt”, zegt Beatrice. “Als we beurzen bezoeken, komt hij steeds op nieuwe ideeën en sloopt hij een deel van de baan. Zo komt het nooit af.” Dat hoeft ook niet per se voor Hans. “Want,” zegt hij, “ik vind het bouwen het leukst.” Hij had trouwens een veel grotere modelbaan, in zijn garage, maar daar is het winterdag te koud en ‘s zomers te warm. Ter vergelijking: de spoorbaan in de garage had honderdveertig meter rails en was negen meter lang. Bergen tot aan het plafond. “Die was te groot om te handelen. Je moet ook veel kruipen, daar word ik te oud voor”, zegt Hans.

Oude stempel

Hans Betz is nog van de oude stempel. Voor hem geen computer waarmee je een baan ontwerpt, maar ambachtelijk handwerk. “Het begint met een idee. Dat werk ik uit met een sjabloon. Dan ontstaat er een schets van 1:10 en dan weet ik ongeveer hoeveel rails en wissels ik nodig heb. Vervolgens leg ik de rails uit, zaag ik de tracés uit, de hellingen en als het goed is, werkt het.” Dat bouwen is ook het verschil tussen hem en een verzamelaar. Een verzamelaar heeft treinen in een vitrine en geniet van het kijken ernaar. 

Voor alle duidelijkheid: er zijn analoge en digitale wissel- en gelijkstroombanen. Bij digitale banen, zoals Betz die heeft, kunnen alle locomotieven apart worden aangestuurd. “Alle locomotieven hebben een decoder. Elke decoder heeft een nummer dat correspondeert met het nummer op de centraal unit”, legt hij uit. “Daarmee bedient hij de trein en schakelt ook het remgeluid van de treinen in en uit. De wissels, seinen en binnenverlichting van de treinen worden bediend met stuurkastjes. De verlichting van de vele huisjes, de lantaarns en de geluiden zoals de eerder genoemde sirenes worden geregeld door weer een ander schakelpaneel. Alles door Betz zelf gebouwd.

Ook voor de gezelligheid

Het bezoeken van beurzen doen ze nog steeds, alleen nu om te verkopen. “Ik heb gehoord dat ze in de hemel niet met treinen spelen”, zegt hij cryptisch. “Dus wil ik er een aantal verkopen tot ik zo’n twintig locomotieven en rond de zestig wagons overhoud. Dat is genoeg voor deze kleinere baan. Die beurzen doen we niet alleen voor de verkoop, ook voor de gezelligheid. Het zijn allemaal mensen met dezelfde hobby.” 

Meer over grote en kleine modelspoorbanen in Zwitserland is te vinden op de website www.swisscrocodile.nl.

Tekst en foto’s: Richard de Jonge