Bijzondere vondst op slotdag opgraving Warns

WARNS - Op de laatste dag van de archeologische opgraving rond de stinswier van Jelmer Ottes Sytzama en Ats Bonningha in Warns hebben de onderzoekers nog een bijzondere vondst gedaan: drie haakbussen. Dit zijn primitieve geweren, die vooral in de vijftiende en zestiende eeuw werden gebruikt.

Volgens de conservator van het Militair Museum in Soest zijn in Nederland slechts dertig exemplaren van dit type bekend. De geweren lagen in de gracht rond de stinswier. Dat er gevochten is op deze plek werd al eerder duidelijk, door de vondst van kanonskogels en musketkogels.

“De onderzoekers proberen te achterhalen hoe de haakbussen in de gracht terecht zijn gekomen”, zegt archeoloog Yvonne Boonstra van de gemeente Súdwest-Fryslân. “Waren ze kapot? Dit is onwaarschijnlijk, want men was vroeger erg duurzaam en gooide niks weg als het kon worden hergebruikt. Deze grote metalen objecten konden zeker weten worden gerecycled.” Een andere theorie ligt daarom meer voor de hand: de haakbussen zijn tijdens de belegering van de stins weggegooid, om te voorkomen dat de tegenpartij ze in handen kreeg.

Tinnen kannen

De opgraving leverde naast munitie en zeldzame geweren bijzonder serviesgoed op. “Waaronder twee tinnen kannen die duidelijk maken dat we hier te maken hebben met een welgestelde familie”, zegt Boonstra. Op een van de kannen staat het wapen van naar wat lijkt de stad Sneek en de initialen van vermoedelijk de kannengieter. Mogelijk is de kan gemaakt door Foppa Dirks uit Sneek, die wordt genoemd in de archieven uit deze periode (eind vijftiende, begin zestiende eeuw). Ook dit wordt nu verder onderzocht.

Toegankelijk maken voor publiek

Nu de opgraving is afgerond zijn de onderzoekers begonnen aan de uitwerking ervan. “Dat zal nog wel de nodige tijd in beslag nemen”, zegt wethouder Mirjam Bakker van Súdwest-Fryslân.

“Ook wordt nu onderzocht hoe we deze vindplaats met het bijzondere verhaal over de strijd tussen de families Sytzama en Galema voor het publiek toegankelijk kunnen maken.” Gedacht wordt aan een informatiebord. “De topvondsten zijn straks na conservering en eventuele restauratie ook zeer geschikt om ten toon te stellen”, zegt Bakker. “Misschien wel in het nieuwe cultureel historisch centrum De Tiid in Bolsward.”