Doorbraak in hoofdpijndossier Hindelooper Kamer Sneek
Sneek 11 mei 2012 – Er wordt keihard gewerkt door sloopbedrijf Van der Molen uit Oudehaske in het pand aan de Oosterdijk nummer 10 in Sneek, voorheen beter bekend als de Hindelooper Kamer met aan de achterkant, maar dat is echt voor de ‘oudere jongeren’ , in de steeg vanaf het Kleinzand de ingang naar de jongerensoos De Holle Bolle Gijs. Er is een doorbraak in de al jaren durende impasse tussen eigenaar Jaques van den Oever uit Sneek en de Gemeente Súdwest-Fryslân.
De Gemeente (met de RACM – monumentenzorg red) en de eigenaar zijn eindelijk tot een vergelijk gekomen. Elementen die tot voor kort van onschatbare waarde werden geacht omdat ze bijdroegen aan het cultureel erfgoed, maar in werkelijkheid nep-elementen waren uit de zestiger jaren, zetten alle plannen die van den Oever had volledig op slot. “Ik weet met 100% zekerheid dat verschillende tegeltableautjes uit het jaar 1960 stammen. Ik weet zelfs welke schilder bij Tichelaar uit Makkum het heeft gemaakt, maar de monumentendienst houdt vol dat ze uit de 18e eeuw komen. Van andere elementen geven ze toe dat ze ‘nep’ zijn, maar juist doordat ze nep zijn hebben ze een hoge cultuur-historische waarde. Ik vraag je, waar ben je dan mee bezig. Hoe durf je dat met goed fatsoen en enige rechtvaardiging voor het beroep dat je uitoefent op papier te zetten”.
De spreekwoordelijke kogel is nu door de kerk en in ieder geval het achterste gedeelte van het pand, dat overigens inmiddels in abominabele staat verkeerde, is plat. Dat deel heeft ook geen enkele monumentale waarde. Daar verrijst een staalconstructie, nieuwe muren en een dak. In het voorste deel van het pand, blijven verschillende historische elementen zitten zoals een bedstee, een tegeltableau en nog wat ‘cultuurhistorische details van onschatbare waarde’ , maar ook daar mag de ‘hokjeboel’ getransformeerd worden tot een ruimte waar je als verkoopoppervlak mee uit de voeten kunt.
“Neen, niet in de verkoop en ook nog niet in de verhuur. Zo ver zijn we nog niet. Eerst maar eens zien dat het pand weer een dak krijgt”, vertelt Van den Oever. “Op basis van het ruwe casco hopen dat we een huurder te vinden, want die zijn op dit moment tenslotte niet al te dik gezaaid, en dan in samenspraak met de huurder het pand naar wens afbouwen. Dat zijn in grote lijnen de plannen”.
Er verdwijnt hoe dan ook een smet op het blazoen van de stad Sneek en de Oosterdijk in het bijzonder.





